De website van het Eindhovense bedrijf Letec opent met de aankondiging van een onderzoek dat gestart is naar ‘de effecten van licht- en magneettherapie op de re-integratie duur na een burn-out’ en werft er nog deelnemers voor. Het onderzoek gebeurt in samenwerking met het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam, dus dat schept wat vertrouwen. De teksten op de website zouden echter niet misstaan op die van menige kwakzalver en ook het apparaat waarmee Letec werkt, de Xentix, doet in veel denken aan andere Rare Apparaten.

xentix600x300

De Xentix

Het apparaat ziet er indrukwekkend uit. De te behandelen persoon neemt plaats op een instelbare ligbank, waarin magneetspoelen zijn verwerkt, en dan wordt ook nog eens je hoofd beschenen door een imposante lamp, die behalve een hele serie LEDs ook een magneetspoel bevat. Met die hulpmiddelen wordt het lichaam bestookt met allerlei frequenties zichtbaar licht en magneetvelden. Goed voor je celletjes, aldus Letec:

De Xentix® zit vol met gepatenteerde techniek waarmee licht en magneetvelden kunnen worden gegenereerd. De Xentix werkt als aanjager van de homeostase, dit zorgt ervoor dat je lichaam zichzelf weer in evenwicht brengt. Bij het behandelen van burn-out klachten is de therapie vooral gericht op de hormoonhuishouding en de celenergie van het menselijk lichaam. De Letec-therapie, en behandeling met de Xentix®, kan echter ook bijdragen aan:

  • Betere doorbloeding en aanvoer van voedingsstoffen;
  • Vergroting van de zuurstofopname in cellen;
  • Stimuleren van het uitscheiden van afvalstoffen;
  • Verbetering van de algehele stofwisseling en celenergie;
  • Mobiliseren van het afweer- en immuunsysteem.

Heel soms komt het voor dat oude klachten of emoties tijdens de behandeling met de Xentix weer te voorschijn komen.

Ik vroeg maar eens naar de wetenschappelijke onderbouwing van deze claims en kreeg spoedig een mailtje terug met een enorme waslijst aan  wetenschappelijke artikelen. Ook haastte de directeur van Letec Life Enhancement op te merken: “Met deze uitspraken proberen wij in lekentermen een beeld te geven van de mogelijke voordelen van het lichttherapie/ magneetveldtherapie apparaat Xentix. Het zijn derhalve geen uitspraken waarbij een medische behandeling wordt aangeprezen.”

De Xentix van Letec

De Xentix van Letec

Toen ik de lijst begon door te nemen, viel me op dat er voor de magnetische component van het verhaal, nogal wat referenties werden gegeven die te maken hebben met Transcraniale Magnetische Stimulatie. Bij deze techniek wordt met een spoel een magneetveld opgewekt waarmee je specifieke hersengebieden kunt beïnvloeden. Het gaat echter om heel lokale toepassing en met veel sterkere magneetvelden (ongeveer 2 Tesla) dan bij de Xentix; die komt volgens de patentbeschrijving niet verder dan 0,1 milli-Tesla op 30 centimeter afstand, wat ongeveer overeenkomt met de afstand van het apparaat tot het hoofd zoals getoond op de website (zie afbeelding). De relevantie van de referenties aan dat wetenschappelijk onderzoek ontging me dus totaal en ik vroeg om een specifiekere onderbouwing. En meteen vroeg ik ook maar wat namen van die ‘tientallen topwetenschappers uit verschillende domeinen’ die de afgelopen tien jaar betrokken zouden zijn geweest bij de ontwikkeling van de Xentix, zoals vermeld op de Belgische site van Letec (het apparaat is een Belgische vinding). Deze vragen zijn blijkbaar een stuk lastiger te beantwoorden, want ik wacht ik nog steeds op een reactie.

De teksten op de website, maar ook die in de patentbeschrijving verschillen niet wezenlijk van wat je op allerlei kwakzalversites aantreft. Een voorbeeldje:

One could state that the sum of the electrical charge of each atom in a molecule gives such molecule a specific vibration. Thus, the sum of the molecules which make up a cell give that cell a specific vibration. This is referred to herein as the “specific vibration frequency” or “resonance frequency” of cells.

En wat moet je van het volgende maken?

The two different light sources can be driven separately and combined in accordance with a specific modulation pattern and thus synchronously with the employed magnetic fields, this in order to modify, for instance, the reflection and absorption behavior of the treated tissue at a specifically to be set resonance frequency, by which very deep tissue penetration can be obtained.

In een wat ouder octrooi van dezelfde uitvinders, waarin bijna hetzelfde apparaat (de Eotron I), wordt beschreven, staat iets meer over het idee van het combineren van een lichtbron met een magnetisch veld:

The magnetic energy also ensures that the light energy penetrates deeper into the tissue and reaches certain cells that with the presently known instruments were not reached or were insufficiently reached.

en iets verder:

This magnectic field is used together with the light energy so that the light waves operate as a carrying wave for magnetic pulses.

De uitvinders van het apparaat beweren dus dat ze zichtbaar licht dieper in het lichaam kunnen laten dringen door het toepassen van een fluctuerend magneetveld. Dit lijkt me flauwekul en geraadpleegde fysici delen die mening. Zichtbaar licht komt echt niet veel dieper dan de huid. Of je moet met sterke lasers gaan werken, maar daarvan is hier geen sprake. Magnetische velden hebben hoogstens invloed op de polarisatierichting van het licht (Faraday-effect) maar een biologisch effect is daarvan ook niet voor te stellen (en met de lage veldsterktes treedt het vermoedelijk sowieso nauwelijks op). Een oudere website van Letec (nog vindbaar bij de websitebouwer) is het bestuderen waard voor liefhebbers van quasi-wetenschappelijke teksten. Wat opvalt is dat daar ook al van klinische trials wordt gerept (met het prototype Eotron I), die blijkbaar nooit tot stand zijn gekomen. [website bestaat niet meer, hier een screenshot]

Maar ja, op natuurwetenschappelijke kletskoek wordt nauwelijks getoetst bij de goedkeuring van patenten en octrooien. Daar mag je allerlei onzin in opschrijven, omdat er eigenlijk alleen maar gekeken wordt of de vinding nieuw, innovatief en industrieel toepasbaar is. En je moet het wel heel bont maken om op dat laatste criterium af te vallen. Een octrooi of patent is in ieder geval geen bewijs van werkzaamheid, zo er zijn meerdere  perpetuum mobile’s gepatenteerd.

Tenslotte zijn er in het patent wat anekdotische positieve ervaringen gegeven, waaronder die van een 22 jarige man, die een haar-stamceltransplantatie onderging in een gerenommeerde kliniek in Nederland. De wondjes die waren ontstaan bij het winnen van de stamcellen nodig voor het overplanten naar 1.715 haarzakjes, werden maar liefst 30 dagen lang dagelijks ‘bestraald’. Natuurlijk was dat een groot succes. En nog zo’n anekdote van een 52 jarige vrouw die operatief geholpen werd aan een scheefstand van haar grote tenen. Dat ziet er echter toch wat magertjes uit als je tegelijkertijd op de Belgische site leest dat het apparaat al “met succes [werd] getest bij duizenden patiënten.”

Onderzoek AMC

Maar zo’n Academisch Medisch Centrum (AMC) gaat toch zeker niet over één nacht ijs bij het starten van zo’n onderzoek? Het is bijvoorbeeld wel de medisch ethische commissie langs geweest en staat geregistreerd in het trialregister. Er is natuurlijk ook wel het een en ander bekend over lichttherapie bij (winter)depressies, maar daar worden ook veel onzinproducten voor aangeboden. Als je ziet dat het AMC in zee gaat met een apparaat als de Xentix, dan kun je er eigenlijk niet omheen dat ze blijkbaar ook iets van de magnetische kletskoek van Letec geslikt hebben. Die toevoeging van magnetische velden is namelijk wat dit apparaat anders maakt dan ‘gewone’ apparaten voor lichttherapie.
De ideeën van Letec over waarom de Xentix iets zou kunnen betekenen bij burn-out zijn ook om een andere reden niet zo plausibel. “Bij burn-out klachten is een belangrijk deel van de Letec-therapie toegespitst op het reguleren van de hormoonhuishouding, want stresshormonen spelen een belangrijke rol bij het ontstaan van juist deze klachten”, stelt Letec. Dat is maar de vraag. Uit promotieonderzoek van Paula Mommersteeg bleek in 2006 dat dat stresshormoon (cortisol) bij burn-out helemaal geen afwijkende waarden laat zien.

Misschien hebben de betrokken onderzoekers bij het AMC niet door dat de theorie van Letec natuurwetenschappelijk onzinnig is en gaan ze alleen af op de gemelde succesverhalen. Het onderzoek heeft in belangrijke mate een ‘black box’-karakter en dan moet je wel heel erg oppassen met de conclusies die je aan de uitkomsten gaat verbinden. Wat er te lezen is over de opzet van de trial overtuigt mij echter niet zo dat daar goed over is nagedacht. Uit de registratie bij de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek over het de primaire en secundaire uitkomsten:

[primair] Arbeidsparticipatie wordt gemeten door het percentage uren per week dat men aan het werk is bij aanvang van het onderzoek te vergelijken met het percentage uren per week dat men aan het werk is na 12 weken behandeling en nogmaals na 24 weken (vanaf intake).  [secundair] In het onderzoek wordt vermoeidheid gemeten met de subschaal voor emotionele uitputting van de Utrechtse Burnout Schaal (UBOS). Stress wordt gemeten met behulp van de stressschaal van de 4DKL. Tevens wordt chronische stress gemeten door middel van cortisolmetingen in hoofdhaar en met gebruik van een auditieve vigilantietest. De kwaliteit van leven wordt gemeten met behulp van de subschalen van de SF-36: vitaliteit, rolbeperking emotioneel, en sociaal functioneren en met de herstelbehoefteschaal.

Het gaat om proefpersonen die in het afgelopen jaar minstens 50 procent uitval hadden. In hoeverre zegt het aantal gewerkte uren nu echt iets over de staat van een burn-out? Het lijkt mij meer een administratief gegeven dat afhangt van afspraken tussen werknemer en werkgever. Hoe fluctueert dat percentage werkuren per week in het jaar voorafgaand aan het onderzoek? Wat zou het normale te verwachten herstel zijn, zonder coaching en/of therapie? Wat is de spreiding in dat percentage en wat is het verwachte verschil tussen de gebruikelijke en de Xentix behandeling? Pas met die gegevens kun je iets verstandigs zeggen over de aantallen proefpersonen die voor deze trial geworven worden en die komen op mij zonder die informatie op voorhand nogal laag over:

De studie betreft een gerandomiseerd placebo gecontroleerd onderzoek en zal circa 1 jaar duren waarbij een aantal deelnemers (n=90) met voorgenoemde problematiek wordt ingedeeld in drie groepen namelijk groep 1 krijgt lichttherapie/magneetveldtherapie en coaching, groep 2 krijgt dezelfde behandeling waarbij de lichttherapie/magneetveldtherapie niet is ingeschakeld en groep 3 krijgt uitsluitend coaching.

Alleen de deelnemers in de twee onderzoeksarmen waarin de Xentix wordt gebruikt, weten niet of ze een ‘echte’ of een nepbehandeling krijgen, het onderzoek is dus slechts enkel geblindeerd. Zouden de coaches op de hoogte zijn welke proefpersoon in welke groep zit? Ook is op basis van deze teksten niet zo duidelijk wat het apparaat doet als ‘de lichttherapie/magneetveldtherapie niet is ingeschakeld’. Ik neem aan dat ze toch wel iets van licht laten schijnen, anders is er van blindering helemaal geen sprake. Zetten ze alleen het magneetveld uit? Of doet Letec wat met de afstelling van de frequenties? (Wat dan weer de vraag op zou leveren hoe ze weten wat goede en niet werkende frequenties zouden zijn).

Het onderzoek valt onder verantwoordelijkheid van professor Judith Sluiter van het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid. Ik mailde haar vorige week met wat van mijn bedenkingen bij het apparaat en de gekozen onderzoeksopzet. Ze liet me echter weten pas in januari op mijn vragen in te kunnen gaan, u moet dus even geduld hebben. Aangezien Letec via de website al deelnemers werft voor de trial leek het me toch verstandig om dit stuk nu al te publiceren. Zo kunnen potentiële deelnemers er kennis van kunnen nemen en misschien een beter geïnformeerde afweging maken over hun deelname.

Besluit

Volgens mij is er eigenlijk geen reden om aan te nemen dat de Xentix een positieve invloed zou kunnen hebben op terugkeer naar werk na een burn-out die uitgaat boven het effect dat je misschien mag verwachten van ‘gewone’ lichttherapie of van de uitstapjes die je tijdens het onderzoek gedurende de twaalf weken, tweemaal per week moet maken naar het hippe Eindhoven. Als je het onderzoek dan ook nog slechts enkel geblindeerd doet, vraagt dat mijns inziens om problemen. De behandelaars van Letec weten namelijk wél wie in welke groep zit en hebben er alle belang bij om de groep die de ‘echte’ Xentix-behandeling ondergaat er zo positief mogelijk uit te laten springen. Dit onderzoek gaat ons volgens mij niets leren en alleen maar promotiemateriaal voor de Xentix opleveren. ‘Goedkeuring’ van een heus academische ziekenhuis, al blijkt die alleen nog uit de serieuze belangstelling middels een trial, is daarentegen natuurlijk goud waard in de marketing.