Voor Skepter sprak ik zeer recent met twee van de ontmaskeraars van de Amerikaanse voedingspsycholoog Brian Wansink, die dit jaar van zijn voetstuk is gevallen. Veel van zijn studies blijken op los zand te berusten en deels meermalen herkauwd te zijn. Wansink is hoogleraar aan de fameuze Cornell University en werkt samen met talloze wetenschappers over de hele wereld. Met de Rijksuniversiteit Groningen blijkt de samenwerking verder te zijn gegaan dan het gezamelijk schrijven van artikelen met wetenschappers aan die universiteit: hij was er van oktober 2016 tot april 2017 zelfs honorair hoogleraar aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde.

Wansink bleek een medewerkerspagina op de website van RUG te hebben gehad, in ieder geval vanaf 1 augustus 2016 tot ergens in april 2017. In de Catalogus Professorum Academiae Groninganae staat hij nog vernoemd. Gezien het samenvallen in de tijd van het verwijderen van die medewerkerspagina en de eerste officiële berichtgeving van Cornell over het instellen van een onderzoek naar de artikelen van Wansink, ligt de vraag voor de hand of dat misschien reden was voor de RUG om stilletjes de nog prille verbintenis met Wansink te beëindigen. Ik deed navraag bij de RUG en de betrokken faculteit.

‘Honorair hoogleraar, wat is dat nu ook voor een titel?’ zult u misschien denken. Ik kwam ‘m onlangs ook pas voor de eerste keer tegen (in de persoon van prof. De Blot bij de enneagrampromotie), maar het is aan de RUG in ieder geval niet zomaar een willekeurig uit te delen titel. Op de openbare website van de RUG staat echter alleen dat een gewoon hoogleraar ook honorair aangesteld kan worden en dat de benoemingsprocedure hetzelfde is als die van gewoon hoogleraren. In het Hooglerarenbeleid RUG 2016 staat het verder uitgewerkt:

De honoraire aanstelling wordt onder meer gebruikt voor de volgende gevallen:

  • hoogleraren die de universiteit verlaten wegens het aanvaarden van een betrekking elders en bereid zijn voor een deel van hun werktijd te participeren in onderwijs-en/of onderzoekstaken aan de RUG;
  • hoogleraren, die werkzaam zijn in het bedrijfsleven/industrie/overheid en daarnaast betrokken zijn bij het universitaire onderwijs/onderzoek.
  • de benoeming van hoogleraren die in dienst zijn van NWO;
  • aanstelling na emeritaat (bij de benoemingsperiode wordt de leeftijdsgrens van AOW-gerechtigde leeftijd + 5 jaar in acht genomen).

en

Voorwaarden voor een honoraire aanstelling zijn:

  1. er moet de facto sprake zijn van onderwijs- en/of onderzoekstaken in het belang van (onderdelen van-) de RUG;
  2. de werkgever van betrokkene moet instemmen met het honoraire hoogleraarschap;
  3. het voorstel gaat uit van de desbetreffende faculteit;
  4. de zusterfaculteiten zijn geraadpleegd en stemmen in met de voorgedragen kandidaat;
  5. de afspraken worden schriftelijk vastgelegd en ter kennis gebracht van de eventuele derde;
  6. de benoeming (honoraire aanstelling) geschiedt door het College van Bestuur voor een bepaalde tijd, maximaal voor 5 jaar. Bij de benoemingsperiode wordt de leeftijdsgrens van AOW-gerechtigde leeftijd + 5 jaar in acht genomen.

Onder welke categorie Wansink precies valt, is me niet helemaal duidelijk: ‘bedrijfsleven/industrie/overheid’ lijkt me niet echt van toepassing, want hij is toch vooral hoogleraar aan een andere universiteit (en niet bij ons NWO). Maar met het ‘onder meer’ in de eerste zin, is er sowieso vast een mouw aan te passen. Tot zijn werkzaamheden in Groningen, waar hij gedurende zijn aanstelling enkele keren kort verbleef, gaf hij onderwijs aan PhD-studenten en vervulde een gastdocentschap bij een masteropleiding. Daarnaast was hij betrokken bij onderzoek rond consumer well being, health en marketing. Wansink heeft best veel gepubliceerd met Koen van Ittersum die ook hoogleraar is aan de RUG, dus op zich is dit allemaal niet zo vreemd.

Een honorair hoogleraar stelt dus echt wel wat voor aan de RUG en ook de benoeming kan moeilijk een wassen neus genoemd worden. Het lijkt me echter best een hoop gedoe voor iemand die maar zes maanden de honorair hoogleraar komt uithangen, want zo kort bekleedde Wansink deze functie dus. Of was de aanstelling oorspronkelijk misschien toch voor langere periode bedoeld? Dergelijke details kon de faculteit mij echter niet vertellen, vanwege het privacygevoelige karakter …

Lees ook de interviews met de ‘datadetectives’ Tim van der Zee en Nick Brown die ik voor Skepter afnam. En lees The Wansink Dossier: An Overview om al Wansinks artikelen te vinden waar tot nu toe iets mee aan de hand lijkt te zijn.