Iedereen weet dat statistiek belangrijk is. Kort door de bocht: zonder statistiek is veel wetenschap niet mogelijk. Niet voor niets besteden de meeste studies maanden aan het onderwijzen van statistiek. In het onderstaande filmpje wordt maar weer eens duidelijk waarom dit toch zo belangrijk is. Aan het woord PVV-er Lilian Helder, advocaat en onwetend op het gebied van statistiek en het doen van onderzoek.

Statistiek is voor veel mensen moeilijk. Ik zal niet ontkennen dat ik daar ook een van ben. Maar hoe je groepen met elkaar moet vergelijken is zo ongeveer les numero 1 als een student onderwezen wordt in de statistiek. Als mevrouw Helder dan zegt dat je groep A uberhaupt niet met groep B kan vergelijken…

Het zou mooier zijn geweest wanneer ze inhoudelijk kritiek had gehad op de onderzoeken. Bijvoorbeeld iets in de richting van: “Er moet een reden zijn waarom de rechter persoon A een taakstraf geeft en persoon B voor hetzelfde delict een gevangenisstraf. De groepen zijn dus per definitie altijd verschillend en niet te vergelijken” Ofzoiets. Ik ga er echter vanuit dat de onderzoekers met dit soort zaken rekening hebben gehouden. Jammer genoeg is dat niet wat mevrouw Helder hier bedoeld.

Ik neem overigens aan dat het rechtssysteem niet is gaan experimenteren en willekeurig personen aan een strafconditie heeft toegewezen. Dat lijkt me niet ethisch verantwoord maar ik kan me vergissen. Mocht iemand de onderzoeken kennen en er meer van weten, dan ben ik daar erg benieuwd naar.

Edit 08:24 – Dank aan Wilmazone voor deze achtergrondinformatie (zie 2e comment):

http://www.kennislink.nl/publicaties/werkt-gevangenisstraf

Ex-gevangenen maken zich vaker opnieuw schuldig aan criminaliteit dan veroordeelden die geen gevangenisstraf kregen. Dit geldt voor verschillende typen daders en voor verschillende typen delicten. Gevangenisstraf brengt daarmee deels teweeg wat het zou moeten voorkomen, namelijk crimineel gedrag. Dit blijkt uit onderzoek van het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
quote:

Hulp van de statistiekEen echt experiment is dus problematisch. Door gebruik te maken van een speciaal daarvoor ontwikkelde statistische techniek is het echter wel mogelijk een experimentele situatie zo dicht mogelijk te benaderen. Deze techniek helpt bij het samenstellen van goede vergelijkingsgroep. Bijvoorbeeld door iemand met een lang strafblad die wel gevangenisstraf kreeg te vergelijken met iemand met een even lang strafblad die geen gevangenisstraf kreeg. Dankzij deze onderzoeksmethode kunnen we, net als bij een experiment, het criminele gedrag van de gevangenisgestraften na hun straf vergelijken met dat van de vergelijkingsgroep. We kunnen er dan ook zo goed als zeker van zijn dat de gevonden verschillen niet het gevolg zijn van verschillen die al tussen de beide groepen bestonden vóór het opleggen van de gevangenisstraf.Bron:Nieuwbeerta, P. A. Blokland & D. Nagin (2007). De effecten van gevangenisstraf op het verloop van criminele carrières. Mens en Maatschappij, 82, 272-279.

Hieronder een gedeelte uit het transscript van het debat via publitiek:

  1. Jeroen Recourt (PvdA)

    Voorzitter. De PVV heeft uiteraard, zoals iedere partij, recht op een mening. Maar nu het voorkomen van recidive. We hebben over een aantal onderzoeken gehoord. Het ene is wat succesvoller dan het andere, maar alle geven ze als uitkomst met betrekking tot de voorkoming van recidive — het gaat dan niet zozeer over vergelding, want daarover kun je denken wat je wilt — dat de taakstraf beter werkt dan een gevangenisstraf. Hoe past dat in de opmerkingen van mevrouw Helder?

  2. Lilian Helder (PVV)

    Ik vind dat die onderzoeken appels met peren vergelijken; niet appels met koeien, zo ver wil ik niet gaan, maar wel appels met peren. Niet iedere persoon is immers hetzelfde. Recidive slaat terug op de persoon zelf. Iemand die een taakstraf opgelegd heeft gekregen en recidiveert, is iemand anders dan iemand die een vrijheidsstraf opgelegd heeft gekregen en recidiveert; diegene heeft een vrijheidsstraf ondergaan en geen taakstraf. Ik vind dat je die niet met elkaar kunt vergelijken. Op die vraag kan ik dus helemaal geen antwoord geven, behalve dat ik die onderzoeken en hun resultaten wel wil meenemen, maar niet meer dan voor kennisgeving; ik vind dat je dat niet kunt vergelijken.

  3. Jeroen Recourt (PvdA)

    Ik kan mevrouw Helder niet volgen. In het onderzoek dat ik ken, is gekeken naar vergelijkbare delicten. Bij het ene delict hebben daders een taakstraf gekregen, bij het andere delict een korte gevangenisstraf en er is gekeken wie daarna vaker in de fout ging. Nu, degenen met een gevangenisstraf gingen twee keer zo vaak in de fout. Waarom is dat niet te vergelijken?

  4. Lilian Helder (PVV)

    Dat is heel goed niet te vergelijken, omdat de ene persoon de andere persoon niet is. De heer Recourtzei zojuist zelf al dat de ene persoon een vrijheidsstraf opgelegd heeft gekregen en de andere een taakstraf. Hoe moet ik die twee nu met elkaar vergelijken?

  5. Jeroen Recourt (PvdA)

    Ik concludeer dat voor mevrouw Helder überhaupt geen cijfermatige en wetenschappelijke onderbouwing te geven is als de cijfers niet vergelijkbaar zijn.

  6. Lilian Helder (PVV)

    Nee, dat klopt. Daarom zeg ik ook dat ik het voor kennisgeving aanneem, want iemand die een vrijheidsstraf heeft ondergaan, zou misschien anders gehandeld hebben als hij een taakstraf had ondergaan. We kunnen dat niet meten, want hij heeft een vrijheidsstraf ondergaan. Iemand die een taakstraf heeft ondergaan, heeft die vrijheidsstraf niet ondergaan. Wie weet zou hij niet gerecidiveerd hebben, wanneer hij die vrijheidsstraf had ondergaan. Dat kunnen we niet meten.

  7. Sharon Gesthuizen (SP)

    Voorzitter. Ik snap het echt niet. Bedoelt mevrouw Helder nu eigenlijk te zeggen dat degene die een taakstraf opgelegd heeft gekregen, wellicht ook een minder ernstig feit heeft ondergaan en daarom een minder grote kans heeft om te recidiveren?

  8. Lilian Helder (PVV)

    Ik zeg hetzelfde als wat ik eerder heb gezegd: persoon A is niet persoon B en die kun je dus niet met elkaar vergelijken.

  9. Sharon Gesthuizen (SP)

    Gelooft de PVV-fractie dan überhaupt niet in enige vorm van statistisch onderzoek? We doen namelijk statistisch onderzoek op allerlei terreinen, in de gezondheidszorg, in de handel, eigenlijk overal. Je vergelijkt altijd groepen mensen met groepen mensen, want anders is het niet meer te doen.

  10. Lilian Helder (PVV)

    Dat vind ik nu echt appels met koeien vergelijken en er iets met de haren bij trekken. Daar geef ik geen antwoord op, mevrouw Gesthuizen. Ik zeg dat, en nu ga ik toch antwoord geven, persoon A niet met persoon B te vergelijken is. Dat is toch iets heel anders dan de meetbare resultaten van het succes van een medische … Weet ik wat u er allemaal bij wilt halen? Persoon A is niet te vergelijken met persoon B. Persoon A heeft een vrijheidsstraf ondergaan en persoon B een taakstraf. Ik kan persoon A dus niet met persoon B vergelijken.

  11. Sharon Gesthuizen (SP)

    Dat zou dan ook betekenen dat als in het ene ziekenhuis 50% van de patiënten aan een openhartoperatie overlijdt, terwijl dat in het andere ziekenhuis bij een vergelijkbare operatie voor maar 3% geldt, er dus geen verschil in kwaliteit tussen de ziekenhuizen zou zijn omdat je patiënt A nooit met patiënt B zou mogen vergelijken. Ik vind dat echt een kolderredenering en ik vind het eigenlijk heel verdrietig dat ik op deze manier moet debatteren.

  12. Lilian Helder (PVV)

    Ik ga niet herhalen wat ik al drie keer heb gezegd.