Onderzoek naar homeopathie bij PMS: een postume belediging 1

Cees Renckens schrijft columns voor Kloptdatwel. Van 1988 tot 2011 was hij voorzitter van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Foto: Vivian Oei.

Hoewel een recente oprisping van ZonMW [1] misschien anders doet vermoeden: van overheidswege wordt nog nauwelijks geld beschikbaar gesteld voor wetenschappelijk onderzoek van de absurditeiten uit de alternatieve geneeskunde.
Lentis subsidieerde het onderzoek naar integratieve psychiatrie van Hoenders, het Louis Bolk Instituut (antroposofen met een RK directeur) haalde geld binnen van het Fonds Patiënt Gebonden Onderzoek PGO om onderzoek te doen naar de ‘integratieve’ aanpak van reumatische aandoeningen als reumatoïde artritis, artrose en fibromyalgie, maar verder zijn de spaarzame onderzoeksinspanningen van de alternatieve sector in ons land afhankelijk van particuliere geldstromen.
Dat twee buitenlandse homeopathie clubs en de Koninklijke Vereniging Homeopathie Nederland (de patiëntenvereniging) het PMS-onderzoek van oud VHAN-voorzitster Christien Klein-Laansma subsidieerden, dat mag geen verrassing zijn, maar toen ik mij verdiepte in de details van dit baanbrekende onderzoeksproject [2], stuitte ik op een onaangename verrassing.

Klein blijkt voor haar onzinnige onderzoek ook subsidie te hebben ontvangen uit het Dr. Hilly de Roever-Bonnet Fonds [3], genoemd naar de vooraanstaande parasitoloog met die naam, die ik in de jaren zeventig herhaaldelijk meemaakte in de Amsterdamse Vrouwenkliniek. Zij kwam daar regelmatig in consult vanwege haar grote expertise op het gebied van toxoplasmose, een infectieziekte die gevaarlijk kan zijn voor het ongeboren kind. Mevrouw de Roever (1915-2004) was een onberispelijk wetenschapster, verbonden aan het Tropen Instituut, en zij zou het verschrikkelijk gevonden hebben te moeten vernemen, dat er door het bestuur van het naar haar genoemde fonds, vigerend binnen de gelederen van de Vereniging Nederlandse Vrouwelijke Artsen, geld beschikbaar is gesteld ten behoeve van onderzoek naar de werkzaamheid van homeopathie. Van alternatieve smetten was zij beslist volledig vrij.

Over het onderzoek kunnen wij kort zijn. Waarom is het onzinnig? Zoals sommigen al langer vermoedden, maar recent door een groep (vrouwelijke) onderzoekers ondubbelzinnig werd aangetoond: het Premenstrueel Syndroom (PMS) bestaat niet [4]. Er is daarom natuurlijk ook, anders dan mijn gynaecologenberoepsvereniging NVOG helaas nog steeds in haar richtlijn beweert, geen werkzame therapie mogelijk. Zo’n constatering leidt altijd en dus ook bij PMS tot grote opwinding bij kwakzalvers, die dol zijn op de patiëntencategorie ‘regulier niet behandelbaar’.
Het bij PMS ontbreken van een goed gedefinieerde patiëntengroep maakt gerandomiseerd effectiviteitsonderzoek alleen al zinloos en die zinloosheid wordt nog eens gekwadrateerd, omdat er een absurde therapie als de homeopathie wordt onderzocht. Geen hond buiten de homeopathische wereld zal zich iets gelegen laten liggen aan de ongetwijfeld positieve uitkomst van deze ‘multinationale semi-gestandaardiseerde gerandomiseerde trial’, waarvan het protocol dit voorjaar werd bekend gemaakt op de website van het Homeopathy Research Institute [5] en in Homeopathy, een Engelstalig tijdschrift [6]. Men hoopt in Nederland, Duitsland en Zweden voldoende PMS-vrouwen te kunnen includeren en die worden dan in twee groepen verdeeld: beide krijgen ‘gebruikelijke behandeling en uitleg’ van de huisarts, maar de helft krijgt daarnaast en homeopathische middel naar keuze van de arts. Ernst toonde al eens aan dat deze proefopzet met zekerheid leidt tot positieve uitkomsten voor het alternatieve middel, al was het alleen maar vanwege het ontbreken van een controlegroep [7]. De groep die naast de gewone (altijd zeer teleurstellende) ‘behandeling’ extra aandacht en contacten krijgt en veelal hoge verwachtingen zal hebben van de homeopathie, die groep zal veel beter af zijn.
Klein c.s. voelen zich natuurlijk ook aangemoedigd door een Frans onderzoek uit 2013 onder maar liefst 23 vrouwen met PMS, die bijna allemaal Folliculinum 15C of 30C kregen met verbluffend succes (p< 0,0001) [8]. Niet onverdienstelijk, maar ik acht voor het onderzoek van Klein c.s. een significantieniveau van p< 0,00001 zeker haalbaar. We zullen helaas tot 2015 moeten wachten voor er resultaten bekend zijn. En mevrouw dr. de Roever-Bonnet draait zich intussen gedurig om in haar graf.

Bronnen

  1. http://www.zonmw.nl/uploads/tx_vipublicaties/defsignalement0703.pdf
  2. http://www.pmsresearch.nl
  3. http://www.vnva.nl/commissie-hilly-de-roever-bonnet-fonds
  4. https://kloptdatwel.nl/2012/11/19/wil-het-premenstrueel-syndroom-s-v-p-afscheid-nemen/
  5. http://www.homeoinst.org/sites/default/files/uploads/u-3/HRI_ResearchArticle_23_Klein-Laansma%26Jong_PMS.pdf
  6. Christien Klein-Laansma, Jean Pierre Jansen, Anita van Tilborgh, Marja van Vliet, et al. Towards an evidence-based homeopathic treatment for PMS.  Homeopathy 2014;103(1):72-73 [link]
  7. http://edzardernst.com/2012/11/no-negatives-please-we-are-alternative/
  8. Danno K, Colas A, Terzan L, Bordet MF. Homeopathic treatment of premenstrual syndrome: a case series. Homeopathy 2013;102(1):59-65. [link]