In het Eindhovens Dagblad vandaag een artikel over wichelaar Klaas de Jonge. Deze 71-jarige oud-fysicus uit Valkenswaard heeft zo zijn eigen ideeën over hoe de wichelroede werkt. In het artikel komt het niet zo duidelijk naar voren:

Het principe is vrij eenvoudig: over de aarde lopen energiebanen, van noord naar zuid, van oost naar west en diagonaal. Ze hebben welluidende namen als leylijn, Benkerlijn, Hartmannlijn en Currylijn. ,,We zien ze niet, maar ze zijn er wel. Als je er doorheen loopt, pikt je lichaam die prikkel op. Je spieren in je onderarm verkrampen heel even en daardoor komt de wichelroede in beweging.”

Dit lijkt weinig af te wijken van wat andere wichelaars vertellen, maar op zijn eigen site legt De Jonge beter uit wat hij bedoelt. Hij verwerpt het bestaan van aardstralen en geeft een volstrekt natuurkundige verklaring:

HOE WERKT HET? De inductie-wetten van FARADAY en LENZ beschrijven de werking van een fietsdynamo, etc… De kenmerk is dat er een electrische puls opgewekt wordt in de geleider (b.v. koperdraad), als deze in een magneetveld bewogen wordt. Bij de mens is de geleider de zenuw, waarin een electrische puls opgewekt wordt, als hij door magneetlijnen loopt.. De veldlijnen van het aardmagnetisch veld induceren een puls in de zenuwen, met het gevolg het samentrekken van de spieren. Dit merk je gelukkig niet en daarom heb je de wichelroede nodig, die dan omvalt. Er is nog een ander effect. De gigantische energie van de zon wordt afgebogen naar de polen. Waar blijft deze energie. Distributie langs de magneetlijnen Dus het zijn echte energielijnen. Een magneetlijn heeft een bepaalde breedte. Bij het binnengaan en uitgaan gaat de wichelroede dicht. Correct, de wet van Lenz .

Deze oud-fysicus zal toch wel begrijpen dat deze theorie heel eenvoudig te toetsen is? Eigenlijk geeft hij zelf al een voorbeeld aan hoe dat zou kunnen:

Een apart verhaal is James Randi, die een grote som uitloofde met soortgelijke experimenten. Hij stopte b.v. een klomp goud in een van een aantal dezelfde verpakkingen. Als je deze aanwees met de wichelroede, dan mocht je het houden. Ook hier het mes: Er is geen methode bekent, zodat je het goud kunt aanwijzen. (Als hij er een magneet in had gedaan. had hij de weddenschap waarschijnlijk verloren).

Ideetje: we kiezen een veldje waar De Jonge eerst van mag bepalen of en waar er ‘energiebanen’ liggen. Vervolgens begraven we op zeg 20 plekken een doosje waar een sterke magneet in zit of niets. De verstorende werking op het aardmagnetisch veld moet daar toch makkelijk meetbaar van zijn. Hoe veel zou De Jonge denken er goed te kunnen identificeren?