Leden van Skeptische werkgroepen gingen op bezoek bij Biohorma, naar eigen zeggen ‘de grootste producent van fytotherapeutische en homeopathische middelen … in de Benelux’.  We hebben gezien hoe de producten worden gemaakt. Ook hebben we het gehad over de gezondheidsclaims voor de producten die het bedrijf maakt. Er gaat een wereld schuil achter de claim ‘bevordert het herstel na ziekte’. Maar ben je na ziekte niet al weer beter?

Op bezoek bij Biohorma (bekend van Echinaforce) 1

Het bedrijfspand van Biohorma in Elburg

Het bedrijf is vooral bekend van de A. Vogel-producten en het bekende Echinaforce, waarover in het tijdschrift Skepter en op het Skepsis-blog al de nodige uiterst kritische stukken zijn geschreven. De nadruk ligt bij Biohorma op fytotherapie (kruidengeneesmiddelen). Tijdens het bedrijfsbezoek bleek dat homeopathische middelen slechts een zeer klein deel uitmaken van het assortiment en de omzet van het bedrijf. Sinds een aantal jaren richt het bedrijf zich ook op essentiële vetzuren.

‘Van plant tot klant’
Op bezoek bij Biohorma (bekend van Echinaforce) 2

Een medewerker van Biohorma bij de verwerking van de paardenbloemen-oogst van 2012. De paardenbloemen worden in een haksel-machine gevoerd (facebook pagina van Biohorma).

Het motto van Biohorma is ‘van plant tot klant’ en het bedrijf is dan ook actief in de hele keten. Het bedrijf had ook het motto kunnen kiezen: van zaadje tot in de winkel, want de meeste producten beginnen in het voorjaar in de grond van de A. Vogeltuinen (nabij Elburg). De oogst verzorgt Biohorma zelf, en in snij- en productiehallen wordt de oogst gereed gemaakt voor verwerking. De producten die uit de plant komen worden door middel van oplossen in alcohol en daaropvolgende droogtechnieken uit de plant gehaald en verwerkt in pillen, drankjes, zalven etc, waarna het bedrijf de distributie naar de verkooppunten verzorgt. Alles in één hand.

Enthousiaste medewerkers, veel aandacht voor contact met de klant

Het was voor ons duidelijk dat de mensen van Biohorma die we spraken erg enthousiast en trots op hun bedrijf en producten zijn. Het bedrijf besteedt veel energie aan het onderhouden van contact met de klant. Dat betekent bijvoorbeeld marktonderzoek (‘hoe denkt de consument over onze producten, hoe bekend zijn ze’), reclame-, informatie- en promotiemateriaal, en rechtstreeks contact met de klant (er is b.v. een telefonische hulplijn waar mensen terecht kunnen met vragen) en het bedrijf ontvangt graag bezoekers.

Gezondheidsclaims

We hebben bij ons bezoek aan Biohorma uitvoerig stilgestaan bij het type gezondheidsclaims dat het bedrijf maakt.

De gezondheidsclaims voor haar producten baseert Biohorma, zo begrepen wij, niet op eigen onderzoek. Biohorma maakt onder andere gebruik van beschrijvingen die o.a. zijn opgesteld door The European Scientific Cooperative on Phytotherapy(ESCOP) (zo blijkt uit informatie op het internet). De beschrijvingen werden met een Engels-klinkend woord aangeduid als ‘Monografen’ , het Nederlandse woord monografie is in het Engels Monograph. Er mag dan wel geen eigen onderzoek zijn naar de werkzaamheid van middelen, wel wordt veel aandacht besteed aan onderzoek naar de veiligheid van middelen en processen (veiligheid voor de eindgebruiker is topprioriteit). Ook wordt onderzocht of de samenstelling van preparaten in overeenstemming is met nationale en Europese voorschriften.

Deze manier om gezondheidsclaims te onderbouwen is in overeenstemming met de eisen die het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen stelt aan bepaalde alternatieve middelen. Cees Renckens schreef daarover in zijn recente column:

‘Voor […] middelen, samengesteld uit mengsels en voorradig in de zelfzorgschappen van drogist en apotheek, die wel een indicatie claimen, gold een aangepaste ‘bewijsvoering’, waarbij volstaan kon worden met verwijzingen naar monografieën over het preparaat’. 

Op bezoek bij Biohorma (bekend van Echinaforce) 3

De Europese Unie stelt eisen aan kruidenmiddelen (www.gaia-health.com)

Biohorma heeft te maken met een woud aan regels. Op sommige producten zijn Europese voorschriften van toepassing, bijvoorbeeld de Europese Richtlijn voor Traditionele Kruidengenees­middelen (zie deze Wikipedia-link). Sommige Biohorma-producten worden aangemerkt als ‘voedsel’, en vallen daarmee onder de Warenwet (‘Warenwetbesluit Kruidenpreparaten)’. Voor deze producten mogen geen therapeutische claims worden gemaakt. Andere producten (met een farmacologisch actieve stof en/of een therapeutische indicatie) (kunnen) vallen onder de geneesmiddelenwetgeving. Ten slotte zijn er de ‘medische hulpmiddelen’. De wetgeving hiervoor is net voor de eeuwwisseling zodanig aangepast, dat daar niet alleen voorwerpen, maar ook stoffen onder kunnen vallen, zoals een kruiden-gel voor aambeien.

Hoe breng je claims onder woorden?

Biohorma denkt veel na over hoe je claims zo kunt formuleren dat deze in overeenstemming blijven met alle regels. Zo dienen de aanprijzingen voor gezondheidsproducten basically beperkt te blijven tot: ‘in stand houden van een goede gezondheid’. De claim voor Echinacea is bijvoorbeeld dat dit ‘de natuurlijke afweer helpt/ondersteunt’ en dat dit ‘herstel na ziekte bevordert’. Achter deze formuleringen blijkt een wereld van overwegingen schuil te gaan, zo bleek tijdens ons gesprek: ‘herstel ná ziekte’ (toegelaten claim) is iets anders dan ‘herstel tijdens ziekte’ (niet toegelaten claim), helpen/ondersteunen van het afweersysteem (toegelaten claim) is iets anders dan een ‘genezen of vervangen van een gebrekkige eigen lichaamsafweer’ (niet toegelaten claim). Bekijk deze claims voor het Biohorma-topproduct Echinacea en vraag je af wat er eigenlijk heel precies gezegd wordt:

  • Verkleint de kans op griep en verkoudheid
  • Sneller herstel bij griep en verkoudheid
  • Stimuleert het immuunsysteem
  • Bewezen effectief
  • Werkt krachtig en natuurlijk
  • Echinacea purpurea wordt vers verwerkt

Bekijk ook het filmpje hierna over Echinacea (als je hieronder geen scherm ziet: klik dan hier):

Geen medische behandelingen

De claims voor de producten van Biohorma zijn in de kern tamelijk bescheiden. Dat blijkt ook uit onze vraag wat het bedrijf doet als mensen de hulplijn bellen met een concrete medische vraag. Het antwoord: ‘iedere beller met een medische vraag verwijzen wij door naar een arts’. 

Veranderende eisen: gevolgen voor Biohorma-producten?

In zijn column vertelde Cees Renckens dat de Raad van State onlangs bepaalde dat VSM niet langer mag zeggen dat Rinileen Neusdruppels geïndiceerd zijn bij neusverkoudheid, oorpijn en bijholteontsteking. De reden: VSM kan de werking van Rinileen Neusdruppels tegen deze klachten niet met onderzoek onderbouwen. Deze uitspraak betekent misschien nog meer dan voorheen dat gezondheidsclaims voor kruidenpreparaten op een goudschaaltje zullen worden gewogen. Hoe smal dit pad kan zijn, blijkt b.v. uit deze beschrijving van een claim van Biohorma die voor de Reclame Code Commissie werd behandeld (met dank aan onze lezer A. Atsou Pier, zie comment hieronder).

 

Ik heb dit artikel geschreven samen met Joke ten Hove

Foto voorzijde: Wikipedia