Met klachten over valse reclame gaat men in de eerste plaats naar de Reclame Code Commissie,  maar ook andere instituten kunnen daarbij behulpzaam zijn. Voor de bezoekers van Kloptdatwel zal ik hier uitleggen hoe zo’n klacht in zijn werk gaat. Mijn klachten hebben bijna allemaal betrekking op kwakzalverij en ik zal een aantal voorbeelden geven van de procedures die ik gestart ben in de loop van de tijd. Sinds 11 juli 2002 houd ik een tabel van mijn klachten bij de Reclame Code Commissie bij en daaruit blijkt dat ik sindsdien 177 klachten heb ingediend. Met succes, want er werden er slechts zestien om erg verschillende redenen niet behandeld of afgewezen.

Reclame Code Commissie en samenwerkende instituten

reclamecodecommissielogoHet doel van de Reclame Code Commissie (RCC) is de bevordering van verantwoord reclame maken, zodat de consument vertrouwen in de reclame heeft en behoudt. De manier waarop men dit aanpakt staat hier beschreven. Zo nodig wordt er samengewerkt met de Autoriteit Consument en Markt, het Commissariaat voor de Media, de Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit, de Autoriteit Financiële Markten en de Kansspelautoriteit. Verder wordt er door de RCC nog advies gevraagd aan de Keuringsraad KOAG/KAG over de advertentieregels voor gezondheidsproducten, voor medische hulpmiddelen en voor geneesmiddelen. Omdat veel van mijn klachten deze gebieden betreffen, heb ik KOAG/KAG soms flink wat werk verschaft. Maar dat is extra werk voor de RCC; daar hoef ik zelfs niet eens om te vragen. Bij één van mijn klachten voegde de KOAG/KAG er waarachtig ook nog zelf een klacht bij. Die klacht werd zeker door de RCC aanvaard. Geruime tijd geleden moest juist de klager bij de KOAG/KAG aan de deur kloppen, maar dat is allang voorbij.

Zelf maak ik naast de RCC ook gebruik van de NVWA (voor oudere mensen: daar is de Keuringsdienst van Waren in opgegaan). De NVWA kijkt in de eerste plaats bij hun controles naar de werkzaamheid en veiligheid van de diverse aanbiedingen waarover klachten zijn binnen gekomen, maar onjuistheden in de reclame worden door hen ook onderzocht en, waar nodig, verwijderd. De NVWA heeft echter te weinig geld en dus ook te weinig personeel en dus duurt het vaak lang voor ze kunnen antwoorden. Aan producten die gevaarlijk kunnen zijn, wordt zonder meer – en terecht – voorrang verleend. De NVWA kan er voor zorgen dat er boetes worden gegeven, maar dat mag zij in de meeste gevallen niet publiceren. De klager krijgt een bericht dat de NVWA maatregelen heeft genomen, maar wat die maatregelen zijn, vermelden ze niet. Maar men hoeft alleen maar naar de websites waar de foute reclames op stonden te kijken om te constateren dat verwijdering van die valse reclame tot stand was gekomen. Het kan als een goede afwerking dienen van de beslissingen van de RCC. De NVWA en de RCC zijn overigens geheel onafhankelijk van elkaar.

Verder heb ik enkele keren geprobeerd om gebruik te maken van de ACM. Om dat te kunnen doen blijkt het vereist te zijn om minstens twee keer bij de RCC te hebben geklaagd (dit is overigens geen formeel vereiste). Maar dat zijn juist gevallen waarvoor de RCC ook aanklachten indient. Tot twee keer toe had ik bij mijn aangifte bij de ACM vermeld dat ik dat al gedaan had en de beslissingen bij mijn klacht ingesloten. De eerste keer nota bene op aanraden van de RCC. Toch kreeg ik als antwoord dat ik twee RCC beslissingen bij de klacht moest inzenden! Maar dat had ik dus al gedaan!! Ook moest men hun klachtformulier gebruiken en maximaal 350 woorden gebruiken. Maar dat is alleen genoeg voor eenvoudige problemen. Of zou het genoeg zijn om te schrijven: “Het werkt niet”? Maar misschien heb ik met hen gewoon pech gehad. En vergeet niet dat twee RCC beslissingen ook al de nodige tijd vragen. De behandeling van één klacht vraagt bijna altijd minstens 2 maanden. En men moet toch altijd enige tijd wachten voor men opnieuw dezelfde klacht over hetzelfde onderwerp weer indient. Toch ben ik wel van plan om het bij een nieuwe non-compliant weer te proberen. Je moet nooit opgeven. Gelukkig stuurt de RCC de non-compliant zaken ook door naar de ACM.

De voorzitter en de Bemer

Maar nu terug naar de RCC. De (voorzitter van de) RCC toetst of de betreffende reclame-uiting voldoet aan de regels in de Nederlandse Reclame Code (NRC). De voorzitters van de RCC zijn juristen. Nu ben ik zelf een elektrotechnisch ingenieur en ik weet heel erg weinig van rechtsgeleerdheid. Maar juristen weten meestal net zo weinig van techniek of van geneeskunde. Dat kan men hen niet kwalijk nemen. Maar daardoor komt het wel eens voor dat in de beslissing over reclame natuurkundige fouten worden gebruikt. Om een voorbeeld te noemen (dat gelukkig toch goed afliep): dat was het geval bij de klachten betreffende de Bemer.

De Bemermat

De Bemer-mat

De Bemer is een matje met 6 platte spoelen waarmee, volgens de fabrikant, je een heleboel ziekten kunt genezen of tenminste het ongemak ervan drastisch kunt verminderen, omdat het magnetisch veld van het matje de bloedsomloop versnelt. Dit argument werd door de voorzitter aanvaard. De elektrische stroom die door de spoelen wordt geleid zorgt inderdaad voor een zeer zwak magnetisch veld binnen de spoelen. De patiënt ligt op de mat dus in een magnetisch veld dat de bloedstroom zou versnellen omdat de rode bloedcellen ijzer bevatten. Echter het ijzer in de rode bloedcellen is nauwelijks magnetisch. Men heeft een magnetisch veld van meer dan 10 tesla nodig om de snelheid van de bloedstroom te verhogen (Roland Glaser: Heilende Magnete – strahlende Handys” Wiley VCH, Weinheim, 2008, ISBN 978-3-527-40753-8, blz. 82). Het veld van de Bemer ligt tussen de 15 en 50 microtesla.
Gelukkig bepaalde de RCC dat door de versnelde bloedstroom geen groot aantal sterk verschillende ziektes kon worden verbeterd, dus de eindbeslissing was toch nog correct. Overigens schijnt het dat Bemer de theorie die de werking van het matje zou verklaren recentelijk drastisch heeft veranderd. Van een effect van het magnetisch veld schijnt geen sprake meer te zijn. Dit schreef iemand die echt enthousiast was over de Bemer aan mij. Maar zelf ben ik in hun reclame deze nieuwe aanpak nog niet tegen gekomen. En in de Provinciale Zeeuwse Courant (ik woon op Walcheren) heb ik zelfs hun reclame helemaal niet meer gezien.

De aanpak van de klachten door de RCC

Bij verreweg de meeste klachten heeft men zulke moeilijkheden niet. In dat geval verloopt de behandeling van de klacht redelijk vlot. Maar dat schrijft nu wel iemand die meer dan 177 klachten heeft ingediend, waarvan de grote meerderheid succesvol is verlopen. Het kan dus een kwestie van ervaring zijn.
De klager kan een klacht per brief of per e-mail indienen. Desgewenst kan men het on-line klachtenformulier gebruiken, maar het hoeft niet. Binnen enkele dagen krijgt u dan een ontvangstbericht. De RCC stuurt indien de klacht voldoet aan de vereisten en de voorzitter hem niet zelf direct afwijst een kopie van uw klacht naar de firma die op de reclame wordt vermeld. Die kan daarop reageren en een kopie van die reactie wordt naar de klager gestuurd. Dit neemt nogal wat tijd in beslag. De klager kan daar meestal niet verder op reageren. Dat mocht voorheen wel en een reactie daar weer op was ook toegestaan. Dat veroorzaakte echter vaak nodeloos lange vertragingen. Een enkele keer beseft de RCC tegenwoordig dat er wel degelijk een verdere discussie noodzakelijk is en bericht dat dan uiteraard zowel aan de klager als aan de adverteerder. Men vermeldt daarbij wel dat het maar één keer betreft.
Zowel de klager als de adverteerder krijgt een bericht over de datum van de zitting van de voltallige RCC. Zowel de klager als de adverteerder kan getuigen meebrengen, maar moeten dat wel van te voren berichten. Voor de eenvoudiger zaken beslist de voorzitter zelf over de zaak. De (voorzitter)RCC toetst of de betreffende reclame-uiting voldoet aan de regels in de Nederlandse Reclame Code (NRC). Een minder eenvoudige zaak gaat direct naar de voltallige RCC. Tegen elke uitspraak van de voorzitter van de RCC kan bezwaar bij de voltallige RCC worden gemaakt. Tegen elke uitspraak van de voltallige RCC kan beroep worden aangetekend bij het College van Beroep (CvB). Hier meer daar over.

In de meeste gevallen gehoorzaamt de adverteerder min of meer aan de uitspraak, hoewel sommigen dat op de minst veranderlijke manier doen. Dat kan de klager dan weer proberen te corrigeren door een nieuwe klacht. Bij zo’n nieuwe klacht faalt de adverteerder meestal ook weer. En soms doet de adverteerder dat rustig meerdere keren. De adverteerder kan na de eerste veroordeling door de RCC in feite rustig enige tijd fout doorgaan, want lang niet iedere klager – eerlijk gezegd zelfs ik niet altijd- gaat na een maand of zes (je moet de adverteerder de tijd geven voor het corrigeren van de foute advertentie) een nieuwe klacht indienen tegen de onveranderde foute reclame.
Recentelijk was er een erg vreemde reactie van een firma met een hoofdkantoor in Hong Kong geleid door iemand met een erg Nederlands klinkende naam. Hun Nederlandse kantoor is in Goes, dus lekker dichtbij voor mij. Hun advertenties werden door de RCC afgekeurd, maar de firma tekende geen beroep aan. Hun directeur in Hong Kong zou toch al naar Goes komen en wilde dan ook een gesprek met mij hebben. Zijn brief was in het Engels. Een beetje eigenaardig Engels, maar het zal wel Hong Kong-Engels zijn geweest. Maar ik antwoordde hem in mijn eigen Amerikaans Engels: “Ik ben 83 jaar, heb hartzwakte en knieartrose. Ik kan niet reizen, zelfs niet naar Goes, maar ook drukte thuis is me afgeraden.” Hij antwoordde dat hij mijn ziekte respecteerde en daarmee was de zaak voor mij afgelopen, al ben ik wel heel erg benieuwd hoe deze zaak verder zal gaan. De teksten van hun advertentie pagina’s op het Internet bevatten eerder nog sterkere beweringen.
Van advertenties die door de RCC twee maal waren afgekeurd worden de uitspraken door de RCC over het algemeen als persberichten (“Alerts”) gepubliceerd. Op basis van het Reglement kan de RCC het secretariaat van de Stichting Reclame Code opdracht geven de uitspraak als “Alert” onder de aandacht te brengen van een breed publiek (bij voorbeeld bij een herhaalde overtreding, of vanwege de ernst van de overtreding). Als een overtreder geen gevolg geeft aan de uitspraak (ongeacht of deze als persbericht is verspreid) dan wordt de adverteerder samen met het dossiernummer van de uitspraak geplaatst op de non-compliance lijst. Hiervan wordt ook melding gemaakt aan de ACM: de lijsten per jaar vanaf 2009Een deel van de non-compliant firma’s blijkt nogal eens meerdere jaren op de lijst te staan.

Een hardnekkige non-compliant

microbioticumOp de website van de RCC kunt u zien dat Biotiek bv in 2013 dubbel op de lijst staat. Ineko bv, die er in 2009 op staat, is dezelfde firma; men heeft alleen de naam veranderd. Dit betreft dus drie afgekeurde reclames. Maar intussen zijn de betreffende websites wel al kaler geworden. De reclame voor Microbioticum, een dierendrankje met 40% alcohol, werd door de NVWA gereinigd, maar nog niet volledig. Daar is de NVWA nog niet aan toe gekomen. Die voor Tancosan, een mensendrankje met 42% alcohol werd eind 2009 op bevel van de IGZ ook door de NVWA gereinigd. Alle vermeldingen van medische werkzaamheden van het drankje werden verwijderd.
Deze drankjes kan men nog altijd per telefoon bestellen. Voor Tancosan wordt de prijs niet meer vermeld, maar die was voorheen € 42,37 voor een flesje van slechts 0,1 liter. Dat is dus €423,70 per liter. Een liter Bombay Sapphire met 40% alcohol en tien smaakvolle kruiden kost hier in Oost-Souburg slechts € 22,95. In Tancosan zitten veel spotgoedkope plantjes, zoals het driekleurig viooltje, rode zonnehoed, knoflook, ronde zonnedauw, kweek en kamille. Menige veeboer beschouwt kweek als een onkruid. Ik ben in een melkveedorp opgegroeid en ben het met die veeboer eens, maar mijn poes gebruikt het als een middel om de haren uit de maag te verwijderen. Dus laat ik het in mijn achtertuin maar staan. Ook vermoed ik dat Siberische ginseng, Boldo en Pau d’Arco toch niet zo heel erg duur zullen zijn.
Vergelijk eens met Microbioticum; dat is ditzelfde drankje, maar dan zonder de ronde zonnedauw en het was oorspronkelijk bestemd voor alle zoogdieren (maar niet voor de mens) en vogels. Na het bezoek van de NVWA is het alleen nog bestemd voor koeien. De prijs wordt niet opgegeven. Daarvoor moet men de zaak opbellen. De kosten waren voorheen: € 86,90 per liter, geleverd in jerrycans van 5 liter, dus €434,50 voor 1 jerrycan van 5 liter. Verzendkosten € 6,75 per 5 liter, exclusief 21% BTW. Blijkbaar wordt voor de koeien een veel goedkopere soort alcohol gebruikt dan voor mensen, want ronde zonnedauw is volgens Heukel’s Flora van Nederland helemaal niet erg zeldzaam en dus zal het ook niet erg niet erg duur zijn.
Er is geen enkel wetenschappelijk bewijs voor de werkzaamheid van de beide middelen. De verkoop van beide drankjes door Biotiek lijkt daarom voor mij veel op pure oplichterij, maar waarschijnlijk is dat wettelijk niet het geval. In ieder geval is de alcohol een “werkzaam” deel van beide drankjes en misschien wel het enige werkzame deel. Maar zo duur is alcohol toch echt niet.

Literatuur

Nu ik naar het geheel van mijn RCC klachten kijk, besef ik dat een groot deel daarvan over “genees”kruiden gaat. Maar toch niet allemaal. Haaienkraakbeen is geen kruid en visolie, silicium en leem ook niet. Kruidenfirma’s komen echter verreweg het meest in mijn lijst voor. Dat is, uiteraard, omdat ik daar wel al het nodige van af wist en ik heb daarover de nodige literatuur op mijn boekenplank staan.

natural-medicines-comprehensive-databaseHet voornaamste is overigens de Natural Medicine Comprehensive Database van de Therapeutic Research Faculty te Stockton, CA, VS. Dit verstrekt uitgebreide gegevens, niet alleen over planten, maar ook over alle andere soorten van natuurlijk bronnen. Dus haaienkraakbeen, visolie, silicium en leem worden daar ook in behandeld. Hun afkomst uit de natuurgeneeskunde is hier en daar toch nog te merken. Ze zijn niettemin gebaseerd op de wetenschap en zelfs het uiterst strikt wetenschappelijke weblog Science Based Medicine gebruikt hun gegevens. Ze zijn op het Internet te bereiken, maar niet gratis. Dat komt omdat ze zelfstandig zijn. Geen subsidies van wie dan ook. Ik ben er op geabonneerd.
Het is echter niet mijn enige kennisbron. Er zijn nog veel meer naslagwerken en de nodige andere literatuur. Soms kijk ik zelfs in de “ESCOP Monographs, The Scientific Foundation for Herbal Medicinal Products”, dat ook op mijn boekenplank staat. Je verwacht dat de adverteerders van kruidengeneesmiddelen en dan speciaal indien het de fabrikant betreft, van dit boek veel gebruik zullen maken. Maar ik ben bij hun verdedigingen van hun advertenties voor natuurgeneeskruiden de titel van dit boek tot nu toe nauwelijks tegengekomen. Dat vind ik eigenlijk nog altijd heel erg vreemd.

Conclusie

Het indienen van klachten bij de RCC geeft in de regel weinig problemen, maar neemt soms wel veel tijd in beslag. Meestal ben ik het met de beslissingen eens; uiteraard niet met de afwijzingen. De RCC is geen overheidsdienst zoals de Food and Drug Administration (FDA) in de VS. Daar heb ik 18 jaar gewoond en ik was dus aan hun gewoontes gewend. Maar de RCC kan niet, zoals de FDA, naar de rechter gaan om verkoopverboden en terugbetalingen te bereiken. De RCC kan geen boetes opleggen of de verkoop verbieden. Dat desondanks een flink aantal ontvangers van hun uitspraken toch met die uitspraken rekening houdt, is zonder meer een positief effect. Dat er een klein aantal adverteerders toch fout blijft adverteren, is te vergelijken met de lieden die door de rechter veroordeeld zijn en toch met hun foute gedrag doorgaan.

Over een aantal andere klachten van Marie Prins is te lezen op de site van de Vereniging tegen de Kwakzalverij