Hoeveel sektes zijn er eigenlijk in Nederland? Een officiële registratie bestaat niet, maar schattingen lopen op tot zo’n 200 groeperingen, waarvan bij tientallen misstanden bekend zijn. In het nieuwste nummer van Skepter – het blad van Stichting Skepsis – komen drie mensen aan het woord die uit totaal verschillende gesloten gemeenschappen zijn ontsnapt. Hun verhalen geven een indringend beeld van de onvrije wereld van sektes. Maar de drie bieden ook hoop. Ze vertellen hoe ze aan de sekte zijn ontsnapt.
Alle drie ex-sekteleden hebben een boek geschreven. Als je dat koopt via een link in dit stuk dan krijgt kloptdatwel als affiliate partner van bol.com een kleine bijdrage. En jij krijgt een interessant boek.

Jan van der Winden
Jan van der Winden groeide op in een streng antroposofische gemeenschap waar een zware sanctie stond op het ter discussie stellen van regels en overtuigingen. ‘Wie vragen stelde, werd gezien als ziek,’ vertelt Van der Winden. Zijn moeder stierf aan kanker omdat ‘echte geneeskunde zondig was’. Als tiener belandde hij in een antroposofische inrichting in België. Zijn redding was een arts die hem voor het eerst niet als patiënt behandelde, maar als slachtoffer. Later werkte Van der Winden bij de politie en specialiseerde hij zich in sektes – al bleef het onderwerp ook persoonlijk dichtbij. Tegenwoordig coacht hij mensen die nog vastzitten in gesloten gemeenschappen via Met Nieuwe Ogen Kijken. Over zijn jeugd schreef hij het boek Gekke Jantje.
Israel van Dorsten
Israel van Dorsten is één van de kinderen van Ruinerwold. Zijn vader maakte de overstap van de Moonsekte naar een wereld waarin hij geloofde dat hijzelf door God was uitverkoren. Een wereld met eigen regels en honderden geesten waarmee hij naar eigen zeggen sprak. Israel en zijn broers en zussen leefden volledig geïsoleerd: geen school, geen buitenwereld, geen medische zorg. ‘We geloofden dat de wereld was vergaan, dat wij de laatsten waren.’ Zijn eerste contact met de echte wereld? Stiekem luisteren naar de radio, op zijn vijfentwintigste. In 2019 ontsnapte hij over een schutting, midden in de nacht, naar een café in het dorp Ruinerwold. Zijn verhaal staat in Wij waren, ik ben – Weg uit Ruinerwold.
Joel Crosby
Joel Crosby groeide op in De Deur, een Nederlandse tak van een internationale pinksterbeweging. De pastor (op z’n Amerikaans uitgesproken) bepaalde met wie je omging, of je mocht studeren, en met wie en wanneer je mocht trouwen. Twijfel was gevaarlijk. Toen vrouwen misbruik door de pastor meldden en Crosby hun kant koos, werd hij buitengesloten en verloor hij vrijwel al zijn vrienden. Nu steunt hij andere ex-leden via de stichting ‘De Deur uit’. ‘Elke overtuiging heeft een rebel nodig,’ zegt hij. Zijn boek heet Achter Gesloten Deuren.
Een engel in plaats van een hulpverlener met een formulier
Wat de drie verhalen verbindt: de ontsnapping lukte alleen dankzij iemand van buiten die bleef luisteren – een arts, een café-eigenaar, een vriend. En ook de nasleep is vergelijkbaar zwaar. Reguliere hulpverlening begrijpt ex-sekteleden vaak niet goed: ze komen over als boos, verward of overdreven gelovig, en verdwijnen soms in de psychiatrie terwijl hun probleem een heel andere oorsprong heeft. Volgens Van der Winden hebben sekteverlaters ‘geen oordeel nodig, maar iemand die luistert; een engel in plaats van een hulpverlener met een formulier.’
Het volledige artikel is te lezen op de website van Skepsis: skepsis.nl/voormalig-sekteleden-aan-het-woord

“Sektes” klinken griezelig (en dat zijn ze natuurlijk ook) maar als ik dergelijke verhalen lees, vraag ik me steeds af wat het essentiële verschil is met de “grote” religies. Er is een geloofsleer, men volgt richtlijnen en er zijn ernstige misstanden. Of is dat verschil alleen maar gradueel?
Grote religies zijn over het algemeen wat minder gesloten dan sektes. Richtlijnen worden vaak wat minder streng opgevolgd (vaak ook wel een beetje afhankelijk van de denominatie) en tja, misstanden vind je overal in de maatschappij, daar heb je niet direct een religie voor nodig. En er is natuurlijk een groot grijs gebied tussen sektes en grote religies. De vraag is dus ook vaak wanneer wordt iets een sekte?
Over het algemeen is er bij een sekte sprake van een strikt gesloten gemeenschap met een charismatische leider. En dan nog valt er over dingen te discussiëren.
Is Scientology een sekte? Ik zou zeggen van wel, ook al is de oorspronkelijke bedenker en leider al lang dood.
Jehovahs Getuigen? Lastig. De groep heeft in ieder geval sektarische trekjes.
Mormonen? Deze groep kent al verschillende afscheidingen. Bovendien schijnt er toch ook nog zo iets als eersterangs en tweederangs mormonen te zijn. Waarbij de eersterangs dus echt fanatiek zijn en ook uit worden gezonden om bekeringsarbeid te doen. (Onlangs een boek gelezen van iemand die in een mormoons gezin op is gegroeid, maar dan wel tweederangs mormonen. Het geloof komt ook maar zijdelings ter sprake.)
@Renate1
Je zult maar tweederangsmormoon zijn! Wat een treurige betiteling.
Afscheidingen zijn normaal in religies. Alleen Maarten ‘t Hart is voorzover mij bekend nog in staat de meer dan talloze haarkloverijen in de gereformeerde kerken een beetje smeuig uit te leggen.
Ik denk dat ik vooralsnog bij mijn idee blijf dat er slechts een gradueel verschil is tussen religies en sektes, tenzij iemand me duidelijk kan maken wat nu het echte essentiële verschil is.
Ik weet niet welke uitdrukking de schrijfster nu precies gebruikte. Ze ging als kind wel graag naar de kerk, vooral omdat het in huis zo’n rommel was, omdat haar moeder een fanatiek hoarder was, zodat iedereen op yogamatjes sliep, omdat de bedden gevuld waren met andere dingen.