Op de website StopUMTS! staat een artikel met de alarmerende titel Skepsis en de Vereniging tegen de Kwakzalverij 2018 – Incompetentie en/of bedrog? Het is geschreven naar aanleiding van een bezoek aan de Gezondheidsbeurs in Utrecht (1 t/m 4 februari 2018), waar Skepsis en de Vereniging tegen de Kwakzalverij met een gezamenlijke stand aanwezig waren. De auteur, Leendert Vriens, heeft een aantal punten van kritiek op de ter plekke uitgedeelde folder ‘Straling – Wat moet ik daarmee’.

Ik heb zelf een dag op de stand van Skepsis gestaan, en o.a. deze folder uitgedeeld. Omdat ik het niet leuk vind om indirect van incompetentie en/of bedrog beticht te worden (weliswaar met een vraagteken, maar toch) heb ik de behoefte om een persoonlijke reactie te geven.

Ik heb zelf geen moeite met de genoemde folder. (Voor de duidelijkheid: deze gaat uitsluitend over elektromagnetische straling van telefoons e.d. De mogelijke invloed van magneetvelden, waar de Gezondheidsraad onlangs een advies over uitbracht, is een ander onderwerp).
De tekst van de Skepsis folder is af en toe kort door de bocht, maar als je in elke zin alle wetenschappelijke nuances moet weergeven, wordt zo’n tekst onleesbaar. Het is wel zo dat sommige formuleringen aanleiding tot misverstand kunnen geven. De heer Vriens geeft de volgende citaten uit de folder (voor de goede orde: er zijn er nog meer waar hij kritiek op heeft, maar ik beperk mij hier tot deze twee):

Het menselijk lichaam is ingewikkeld, en het is natuurlijk denkbaar dat het gevoelig is voor
andere effecten van niet-ioniserende straling dan alleen warmte-effecten.
Die zijn echter nooit gevonden, hoewel er hard naar gezocht is (…)

 

Op grond van het weinige onderzoek dat er is, heeft de Wereldgezondheidsorganisatie
in 2011 GSM-straling in de op een na laagste risicoklasse geplaatst (…).

In reactie hierop verwijst de heer Vriens naar https://www.emf-portal.org/en/topics, een website van de universiteit Aken waar veel wetenschappelijke publicaties over dit onderwerp te vinden zijn, en concludeert: Een grotere tegenstelling is bijna niet mogelijk, bijna 9100 publicaties over biologische effecten van niet-ioniserende straling en Skepsis c.s. durven te beweren dat dergelijke effecten nooit gevonden zijn.

Wat moet je hier nu van denken? Het is inderdaad duidelijk dat er een groot aantal studies op dit gebied gedaan is, maar het aantal studies zegt op zich niet zoveel. Het gaat om de resultaten van die studies. Wordt daarin het bestaan van de genoemde gezondheidseffecten bevestigd, of juist ontkracht?

Om hier een indruk van te krijgen heb ik een klein onderzoekje gedaan. Ik ben geen natuurkundige (ik heb sociale wetenschappen gestudeerd) maar voel mij wel in staat om in een wetenschappelijke discussie mijn eigen mening te bepalen. Ik heb daarom wat rondgekeken op de genoemde website. Deze biedt o.a. de mogelijkheid om de databank met wetenschappelijke publicaties hierover te doorzoeken. Hierbij worden de volgende soorten onderzoeken onderscheiden, waarvan ik er willekeurig een klein aantal bekeken heb (aantallen d.d. 23-2-18):

# in database # door mij bekeken
Mobile communications
a. Population studies 267 1
b. Experimental studies 1163 3
50/60 Hz
c. Population studies 468 1
d. Experimental studies (magnetic fields) 1572 3
e. Experimental studies (electric fields) 302 1
Children and young animals
f. Population studies 258 1
g. Experimental studies 532 1
Static fields
h. Experimental studies (magnetic fields) 1357
i. Experimental studies (electric fields) 125

(Van de onderzoeken in categorieën h en i worden geen samenvattingen gegeven. Deze heb ik buiten beschouwing gelaten.)

Voor de duidelijkheid: ik heb gewoon wat titels genomen die mij inhoudelijk interessant leken, zonder van tevoren naar de conclusies te kijken. (Dit is dus geen ‘cherrypicking’). De door mij bekeken onderzoeken laten zich als volgt samenvatten:

• Effect van straling gevonden: 3 publicaties
• Onduidelijk (mogelijk effect van straling gevonden): 3 publicaties
• Geen effect van straling gevonden: 5 publicaties

Het is voor mij ondoenlijk om een substantieel aantal van de genoemde studies te bestuderen. Toch wil ik mijn mening kunnen bepalen. Ik heb de volgende overwegingen:

In een aantal studies (lang niet alle) worden bepaalde verbanden geconstateerd tussen straling en gezondheidsverschijnselen. Omdat het vaak om statistische verbanden gaat (met bijbehorende kans op vals positieve resultaten) is het belangrijk dat dat soort resultaten herhaald kan worden in later onderzoek. Ik krijg daar tot nu toe geen overtuigende signalen over.
Verder blijft het volstrekt onduidelijk via welk mechanisme de straling die verbanden zou veroorzaken (‘hoe werkt dat dan?’ Bij een duidelijk verband zou je bijvoorbeeld ook dosis-gerelateerde effecten verwachten). Dat vind ik niet zo overtuigend.

Ik zal de eerste zijn om toe te geven dat je op basis van mijn piepkleine steekproef geen algemene conclusies kan trekken. Anderzijds is het ook niet zo dat door deze onderzoeken bij mij allerlei alarmbellen gaan rinkelen. De meeste wetenschappers die zich in alle afzonderlijke studies verdiept hebben, komen eveneens tot de conclusie dat het beeld helemaal niet zo duidelijk is. Met name ook wetenschappers van onafhankelijke instellingen als de Gezondheidsraad of de Britse organisatie Sense about Science (zie de links aan het eind van dit stukje).

Als laatste een citaat uit de brochure Making sense of Radiation van de genoemde Britse organisatie:

The fact that research is carried out on a precautionary basis to establish whether risks exist, has been presented by some commentators as evidence of danger.

Oftewel: dat onderzocht wordt of er iets aan de hand is, betekent niet automatisch dat er iets aan de hand is.

Niemand weet natuurlijk wat er in de toekomst hierover allemaal nog ontdekt zal worden. Ook degenen die zich nu ongerust maken, niet. Ik hou het voorlopig toch maar op de ‘officiële’ wetenschappelijke consensus dat er vooralsnog weinig reden tot ongerustheid is. Met alle respect, mijnheer Vriens.

Links

Gezondheidsraad

Sense about Science

Stralingsfolder uitgedeeld op de Gezondheidsbeurs