Is er vooruitgang in de filosofie? 1

Cees Renckens schrijft columns voor Kloptdatwel. Van 1988 tot 2011 was hij voorzitter van de Vereniging tegen de Kwakzalverij. Foto: Vivian Oei.

Die al vaak gestelde vraag kwam bij mij op toen ik las dat er op woensdag 29 januari 2014 (vanavond) in het Amsterdamse Felix Meritis een Nationaal Religiedebat wordt georganiseerd waar twee atheïsten in discussie gaan met twee christenen. Er drong zich ook een sterk sentiment du déjà vu bij mij op, want precies vijftig jaar geleden in 1964 vond er in het kader van het Studium Generale te Groningen een groot debat plaats tussen studentenpastor Krop en vrijdenker Anton Constandse. Ik was 17, eerstejaars student, en ten prooi aan zware geloofstwijfel na een streng katholieke opvoeding. Voor het eind van mijn eerste studiejaar was ik atheïst mede als gevolg van die avond.

Ook in Felix Meritis zal het weer gaan over godsbewijzen en kerkvader Augustinus lijkt onverminderd actueel. Onze door mij zeer gewaardeerde nationale atheïst Herman Philipse gaat, gesecondeerd door de Vlaamse filosoof Boudry, in debat met Stefan Paas, professor aan de Theologische Universiteit Kampen en filosoof Rik Peels. Philipse schreef twee mooie boeken tegen het godsgeloof en de beide christenen deden recent God bewijzen het licht zien.
In een voorproefje bij Knevel & Van den Brink kruisten Philipse en Paas de degens reeds en dat liet zien in welke richting het debat zal gaan. Net als vijftig jaar geleden betoogde de christen dat het kosmologisch argument (iemand moet het heelal toch geschapen hebben) nog steeds opgeld doet en het antwoord van de atheïst is ook onveranderd: het feit dat wij iets niet weten kan rustig erkend worden en de invulling van dat vacuüm met een figuur waarvan niets te merken is, dat helpt ons niet verder. De theoloog beweerde ook dat geloven je gelukkiger en gezonder maakt, maar zelfs als dat waar zou zijn, dan kan dat nooit een ondersteuning voor een godsgeloof zijn. Net zo min als dat het lijden in deze wereld strijdig is met het bestaan van een god. Paas kan zich voorstellen dat iemand zijn geloof verliest na confrontatie met menselijk leed, maar de logica ervan ontbreekt.

Het debat is een initiatief van de Theologische Universiteit Kampen en krijgt steun van De Groene, EO, Ref. Dagblad en Ned. Dagblad. Het zal vast een geanimeerde avond worden, want theologiseren blijft zelfs bij afvalligen als ondergetekende een favoriete liefhebberij. Intussen rijst de vraag hoeveel gelovigen er in de gelederen van de Stichting Skepsis te vinden zijn. Het is nooit onderzocht, maar ik maak mij sterk dat dat percentage wel eens onder vijf zou kunnen liggen.
In haar beginjaren tolereerde men de antroposoof Hugo Verbrugh in de Skepter en hij schreef daar o.a. over reïncarnatie en noemde zich graag ‘antroposoof, actief in de stichting Skepsis’.  Ik vond toen al dat hij te veel ruimte kreeg, maar heb nu tevergeefs gezocht naar een godsgelovige, die zich profileert als ‘christen, actief in de skeptische beweging’. En dat brengt ons op de vraag of dat eigenlijk wel kan: zijn er, zoals evolutiebioloog Stephen Jay Gould betoogde, twee gescheiden werkelijkheden, die elkaar niet bijten: de ‘non overlapping magisteria’ (NOMA) of moeten alle claims op uitspraken over de werkelijkheid op dezelfde wijze empirisch en logisch beoordeeld worden? In dat laatste geval zie ik weinig hoop voor gelovigen binnen Skepsis. Maar misschien vergis ik mij en komt zich straks een witte raaf melden. Ik blijf benieuwd naar zijn argumenten.

De vraag naar de psychische gezondheid van iemand die rotsvast gelooft en die in dat opzicht vergelijkbaar lijkt met een persoon met een zogenaamde monosymptomatische waan, is weer een geheel andere. De legendarische psychiater Ladee meende dat een monosymptomatische waan bij iemand die verder geen symptomen vertoont niet tot de diagnose psychose mag leiden. Anders zouden CPN-leden en aanhangers van erkende godsdiensten als psychotisch moeten worden betiteld en dat ging hem te ver. Maar emeritus hoogleraar psychiatrie Hengeveld is het met Ladee niet op voorhand eens. Hij betoogde dat het niet (alleen) de inhoud is, die bepaalt of iets een waan is, maar de intensiteit, de invloed ervan op het leven, de irrationaliteit, de hardnekkigheid, de emotionele lading ervan, etc. evenzeer. Ook als je vrouw echt vreemd gaat kun je nog een jaloersheidswaan hebben, zo had hij van zijn leermeester Piet Kuiper geleerd. En er zijn genoeg psychotische stoornissen, die zich monosymptomatisch uiten, zoals de moeilijk te genezen parasietenwaan. Hier eindig ik mijn overpeinzingen, want ik dreig te belanden in de vraag of er vooruitgang is in de psychotherapie en haast me mij op dat dossier incompetent te verklaren.

NB Het debat in Felix Meritis zal vanavond, deo volente,  via een livestream op de site van de EO gevolgd kunnen worden [redactie]