• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar

Kloptdatwel?

  • Home
  • Onderwerpen
    • (Bij)Geloof
    • Columns
    • Complottheorieën
    • Factchecking
    • Gezondheid
    • Hoax
    • Humor
    • K-d-Weetjes
    • New Age
    • Paranormaal
    • Pseudowetenschap
    • Reclame Code Commissie
    • Skepticisme
    • Skeptics in the Pub
    • Skeptische TV
    • UFO
    • Wetenschap
    • Overig
  • Skeptisch Chatten
  • Werkstuk?
  • Contact
  • Over Kloptdatwel.nl
    • Activiteiten agenda
    • Colofon – (copyright info)
    • Gedragsregels van Kloptdatwel
    • Kloptdatwel in de media
    • Interessante Links
    • Over het Bol.com Partnerprogramma en andere affiliate programma’s.
    • Social media & Twitter
    • Nieuwsbrief
    • Privacybeleid
    • Skeptisch Chatten
      • Skeptisch Chatten (archief 1)
      • Skeptisch Chatten (archief 2)
      • Skeptisch Chatten (archief 3)
      • Skeptisch Chatten (archief 4)

Wetenschap

Gelezen: De publicatiefabriek

19 June 2013 by Pepijn van Erp 3 Comments

Naar aanleiding van de affaire-Stapel zijn er inmiddels een aantal boeken verschenen. Frank van Kolfschooten voorzag zijn Valse vooruitgang uit 1993 van een waardige opvolger met Ontspoorde wetenschap. Dat boek besprak ik eerder op Kloptdatwel. Diederik Stapel kwam zelf met zijn Ontsporing. Dat vond niet iedereen even kies. Zeer korte tijd na uitkomen ging er al een illegale kopie rond op het internet. Die fraudeur mocht er zeker geen geld aan overhouden. Het meest recente ‘Stapel’-boek is De publicatiefabriek van Ruud Abma. Er is op veel verschillende plekken interessant materiaal te lezen over de fraude van Stapel en de crisis waarin de sociale psychologie lijkt te verkeren en dit boek brengt het belangrijkste daarvan bij elkaar.

publicatiefabriekWie de zaak-Stapel goed gevolgd heeft, zal niet zoveel nieuwe feiten ontdekken in De publicatiefabriek, maar Abma brengt het materiaal van andere reconstructies en het rapport-Levelt op een zeer prettige manier samen. Ook het meenemen van discussies die her en der op internetsites werden gevoerd, opinies in wetenschappelijke tijdschriften en aanvullend commentaar van mensen die met Stapel hebben samengewerkt, maken dit de meest complete beschrijving tot nu toe. Volgens mij is er echter nog meer bloot te leggen. Zo ben ik wel nieuwsgierig naar reacties van editors van tijschriften die Stapels artikelen plaatsten en reviewers die er niets vreemds in ontdekten. Het boek van Abma had van mij wel wat meer recherchearbeid mogen laten zien.
Waar Van Kolfschooten de nadruk legt op de procedures die het gevolg zijn van het ontdekken van de fraude, gaat Abma meer in op het wetenschappelijke klimaat waarin dit kon plaatsvinden. Over de precieze manier waarop gefraudeerd wordt, of er minder ernstig vergrijpen plaatsvinden en hoe deze te ontdekken zijn, gaat Abma niet al te diep in. Wie meer wil weten over dubieuze onderzoeksgewoontes als ‘p-hacking’ kan met de aangehaalde bronnen echter goed uit de voeten.

De commissie-Levelt sprak van ‘slodderwetenschap’ binnen de sociale psychologie en Abma belicht dat op een verhelderende manier. Voor hem is de zaak Stapel een symptoom van de toestand van een academische cultuur. Het was voor mij wel enigszins nieuw om te lezen dat de crisis in de sociale psychologie eigenlijk een al jarenlang tikkende tijdbom was. Discussies over de waarde van het soort experimenten dat Stapel uitvoerde, gaan al sinds eind jaren 1960. En dan gaat het niet alleen om de onderzoeken die effecten van ‘priming’ proberen aan te tonen, maar meer algemeen of de testjes in het ‘laboratorium’ van de sociaal psycholoog wel wat zeggen over gedrag in de echte wereld.
Die wezenlijke discussie lijkt door veel onderzoekers alleen met de mond te zijn beleden. Zij gingen intussen gewoon door met het publiceren van onderzoekjes die het vooral goed doen in de media, maar voor theorievorming weinig betekenen. Ieder voor zich. En zo lang je ermee scoort, er vooral mee doorgaan. Misschien dat er daarom weinig kritisch naar elkaars werk werd gekeken. Ideale omstandigheden om met dubieuze praktijken weg te komen. Intussen zijn er binnen de sociale psychologie initiatieven gestart die het tij moeten keren. Meer aandacht voor replicatie van onderzoeken, beter gegevensbeheer en vooral minder individualistisch opereren.

Volgens Abma is een van de belangrijkste problemen van dat falende academische klimaat echter de druk die al dan niet formeel ligt op wetenschappers om maar artikel na artikel te publiceren. Dat wordt mede in de hand gewerkt doordat onderzoeksgelden veelal verdeeld worden op basis van de kwantitatieve gegevens van publicaties: aantal citaties, h-index en impactfactor van tijdschriften. Een zelfstandig inhoudelijk oordeel wordt nauwelijks gegeven. Liever denkt men dat een publicatie in een goed scorend tijdschrift een garantie is voor kwaliteit. Dat is natuurlijk ook een stuk makkelijker ‘sturen’ voor universitaire bureaucratieën.

De publicatiefabriek gaat wel wat specifiek over sociale psychologie. Als je kijkt naar het lijstje met de grootste fraudezaken, zie je daar voornamelijk de exacte en medische wetenschappen vertegenwoordigd. Of je daarvoor dezelfde soort oorzaken (‘slodderwetenschap’) kunt aanwijzen, is maar de vraag. Ook miste ik een bredere onderbouwing van de stelling dat minder publiceren beter zou zijn voor die verschillende wetenschapsgebieden. Van Kolfschooten laat in zijn boek wel gerenommeerde wetenschappers aan het woord, die dat beamen, maar Abma komt eigenlijk niet verder dan die uitlatingen over te nemen.

Bij elkaar genomen vind ik het een aardig boek, dat ik met plezier heb gelezen. Zeker aan te raden voor iedereen die de ins en outs van de affaire-Stapel eens rustig wil nalezen. Stapel zelf heeft intussen plannen om het theater in te gaan; met een programma onder de titel De Fictiefabriek.

Gelezen: De publicatiefabriek 1
Gelezen: De publicatiefabriek 2

Filed Under: Algemeen, Wetenschap Tagged With: diederik stapel, fraude, publicatiedruk, publicatiefabriek, Ruud Abma, sociale wetenschap

Mieren wringen zich in bochten onder Wi-Fi straling

14 June 2013 by Pepijn van Erp 48 Comments

Een paar maanden terug heb ik het onderzoek van Marie-Claire Cammaerts naar de invloed van GSM-straling op het leervermogen van mieren kritisch besproken in Mieren gestoord door GSM? Dat onderzoek kwam ter sprake naar aanleiding van een NOS op 3 rapportage over het bedrijfje Brainport Biotech Solutions. Dat claimt een beschermingsfolie te ontwikkelen om je te beschermen tegen de vermeende schadelijke effecten van draadloze technologie. Het blijkt niet het enige bedrijf te zijn dat graag gebruik maakt van de bijzondere onderzoeksmethoden van deze onderzoeker van de Université libre de Bruxelles. In het volgende filmpje laat zij zien dat de CMO technologie van COMOSYSTEMS de vervelende invloed van Wi-Fi straling op mieren ongedaan maakt. Die zijn zonder die bescherming helemaal van slag, lopen minder snel en draaien veel minder meer, beweert zij.

  • video niet meer beschikbaar

Het onderzoek kun je in detail nalezen in Effet du rayonnement d’un routeur Wi-Fi sur le comportement des fourmis et évaluation, d’une biotechnologie de compensation (pdf op website van comosystems). Het bolletje dat de bescherming biedt, is in woorden van de firma in het commentaar bij de YouTube video:

not a “sphere” but a magnetic compensation oscillator immersed in a saline solution emiting a light signal in order to counter-effect the biological disorder caused by the exposure to EMF. The technology is patented and you will find all scientific files available on the site COMOSYTEMS

'not a "sphere" but a magnetic compensation oscillator immersed in a saline solution' volgens de leverancier
‘not a “sphere” but a magnetic compensation oscillator immersed in a saline solution’ volgens de leverancier

Dit specifieke model zag ik nog niet in de catalogus van de firma staan, maar de andere apparaten daarin geven wel een indicatie van de prijzen die voor deze onzin gevraagd wordt. Want onzin is het. Het onderzoek van Cammaerts is weer van een treurig niveau, niet geblindeerd en de mieren die ‘gemeten’ worden, worden waarschijnlijk ook niet echt willekeurig gekozen. Kijk maar eens goed in de video hoe selectief ze de mieren aanwijst waarvan het gedrag op dat moment  haar betoog ondersteunt. Terwijl er in hetzelfde shot mieren rondlopen die precies voor het tegengestelde standpunt zouden kunnen worden opgevoerd.
Om het ‘overtrekken’ van de mierenloopjes er iets wetenschappelijker te laten uitzien, heeft ze een computerprogrammaatje geschreven (pdf). Dat helpt misschien een beetje om de getekende paden objectiever in getallen om te zetten, maar als het met het uitzoeken van de mieren en de blindering al mis gaat, helpt dat allemaal niets. Tsja, en dezelfde mevrouw Cammaerts wil nu ook dat experiment met tuinkers overdoen. *Zucht*

 

 

Filed Under: Algemeen, Wetenschap Tagged With: comosystems, Marie-Claire Cammaerts, mieren, straling, wifi

Waarom mensen vreemde dingen geloven en 8 manieren om ze op andere gedachten te brengen

6 June 2013 by Piet Rademaker 34 Comments

De onderstaande tekst is de vertaling van het artikel van Psyblog getiteld: ´Why people believe weird things and 8 ways to change their minds´, dat op haar beurt weer gebaseerd is op het artikel van Stephan Lewandowsky: Misinformation and Its Correction – Continued Influence and Successful Debiasing.

 

Waarom mensen vreemde dingen geloven en 8 manieren om ze op andere gedachten te brengen.

 

WAAR KOMT AL DIE FOUTE INFORMATIE VANDAAN

1) Geruchten en verzinsels
Mensen zijn dol op sensationele verhalen. En ze vinden het leuk om ze verder te vertellen, zodat ze hun toehoorder blij kunnen maken dan wel met walging of angst kunnen vervullen. Kortom alles wat heftige emoties oproept, is goed.
Gewone verhalen zonder opsmuk, die waarschijnlijk meer waarheidsgetrouw zijn, maar minder opwindend, krijgen maar mondjesmaat de kans om zich te verspreiden.
Nog idioter is het dat mensen graag dat blijken te geloven, wat ze uit verhalen oppikten waarvan duidelijk is dat ze verzonnen waren. Zelfs als:
. Het onomstotelijk vast staat dat het een verzinsel is,
. en als verteld wordt dat die fictie onjuiste informatie geeft,
– en bovendien de echte feiten al lang bekend zijn.
Een verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat onze weerstand tegen onwaarheid lager is, wanneer we bloot staan aan populair amusement.

2) Politici
We zouden toch kunnen weten dat politici werkelijk alles beweren om maar verkozen te worden, maar kunnen we uit die bronnen wel waarheid van leugen onderscheiden?
Uit studies blijkt dat wij er moeite mee hebben dat onderscheid te maken. Weten dat ze kunnen liegen, is geen garantie tegen het geloven van leugens.

3) De Media
De gebruikelijke redenen voor desinformatie in de media is de neiging tot versimpeling en de als zodanig gevoelde noodzaak om zogenaamd ”afgewogen” te berichten.
De behoefte aan afgewogen berichtgeving is een interessant geval want de meeste van de besproken onderwerpen zijn zelf niet ’afgewogen”. Neem als voorbeeld het feit dat 95% van de klimaatwetenschappers het er over eens zijn dat de aarde opwarmt vanwege de broeikasgassen. Maar uit de berichtgeving in de media valt dat niet af te leiden, omdat die elke keer weer een ”afgewogen” oordeel willen geven.

4) Het Internet
Er valt veel goeds te zeggen over internet, maar het is toch ook een enorme bron van desinformatie. Een beangstigend voorbeeld:
Als we de eerste 50 websites bekijken die een hit geven op het trefwoord ”afvallen”, dan blijkt dat slecht 3 daarvan goede adviezen geven over diëten.
Bovendien zal men in het algemeen die informatie zoeken die de eigen opvatting onderschrijft. En met de enorme hoeveelheid beschikbare informatie is het niet moeilijk om juist die informatie te vinden die past in onze eigen denkbeelden. Wat je ook gelooft, er zijn altijd wel anderen te vinden die er net zo over denken.

 

WAAROM GELOVEN MENSEN DE FOUTE INFORMATIE

Het is overduidelijk dat leugens en desinformatie in overvloed worden aangeboden. Maar als we dan al weten dat politici, de media en internet, af en toe liegen, hoe kan het dan toch dat sommigen erin geloven?

Het probleem is de manier waarop mensen iets geloven (of juist niet) gewoon vreemd is. Slechts weinigen nemen de moeite om de feiten te controleren; de meesten gebruiken deze methode om weinig mentale inspanning te hoeven leveren:

  • Voelt het goed? Met andere woorden: past de bewering in het al aanwezige beeld dat ik van de wereld heb? Republikeinen in de VS zullen eerder geneigd zijn onwaarheden over de geboorteplaats van Obama te geloven, omdat dat ze goed uitkomt.
  • Klinkt het zinnig? Alles wat makkelijk te begrijpen is, wordt makkelijker geloofd. Onze hersens verzetten zich tegen ingewikkelde verhalen, onder het motto: dat zal wel een leugentje zijn (verwijzing door schrijver naar een eerder artikel: Power of Simplicity).
  • Is het een betrouwbare bron? Mensen in een machtspositie worden eerder geloofd. We neigen ernaar om een dokter snel te geloven dus als een dokter verkeerde informatie verspreid kan hij (of zij) veel schade aanrichten.
  • Wie gelooft het nog meer? Mensen geven er de voorkeur aan zich bij een kudde aan te sluiten. Daar komt nog bij dat we makkelijk aannemen dat de meeste anderen het wel met ons eens zijn. Zelfs als daar geen enkele aanleiding toe is (zie het eerdere artikel van de auteur: Why We All Stink as Intuitive Psychologist: The False Consensus Effect).

Maar dit alles verklaart nog steeds niet waarom mensen allerlei gekke dingen blijven geloven zelfs nádat is aangetoond dat het niet klopt. Het blijkt dat zelfs als de bron van de foute informatie de bewering heeft ingetrokken en de betrokkenen hebben toegegeven dat het gebaseerd was op leugens, het nog moeilijk is om de desinformatie ter zijde te schuiven.

Er zijn allerlei redenen te bedenken, maar er is er één die te maken heeft met de wijze waarop ons geheugen werkt: we vinden het veel makkelijker om de kern te herinneren dan de details. Gewoonweg omdat het wel zo handig is als we iets op die manier herinneren. Neem bijvoorbeeld het feit dat het bereiden van vlees de verteerbaarheid verbetert. We generaliseren dat tot de overtuiging dat veel van ons voedsel smakelijker wordt door koken.
Het nadeel van deze wijze van herinneren is dat we wel de kern van een verhaal herinneren (de maan is van kaas), maar vergeten dat de bron van die wijsheid weinig betrouwbaar was (een stout kind).

 

8 MANIEREN OM VERKEERDE INFORMATIE TE WEERLEGGEN

Is het toch mogelijk om valse informatie te weerleggen? Lewandowsky en zijn mede-auteurs zeggen van wel, maar het is moeilijk en het lukt alleen met de volgende 8 psychologische handgrepen:

1) Meer dan alleen maar de simpele waarheid
Iemand van gedachten doen veranderen lukt niet door hem alleen maar te vertellen dat hij zich vergist; was dat maar zo. Om overtuigd te worden, willen mensen een alternatieve verklaring voor het gebeurde horen en als het even kan ook de reden voor de leugen bij de bron.

2) Kort en Krachtig
Het alternatieve verhaal moet zeker niet te ingewikkeld klinken. Hoe korter hoe overtuigender. Overdaad aan informatie maakt dat men zich afsluit voor het verhaal; een paar pakkende uitspraken zijn genoeg.

3) Herhaal niet de mythe zelf
Probeer het herhalen van het oorspronkelijke verhaal te vermijden. Men onthoudt nu eenmaal de kern van de boodschap makkelijker en dus is herhalen de beste manier om de fout in te gaan.

4) En nu komt er een portie desinformatie….
De mythe moet wel één keer herhaald worden, zodat men weet waarover je het hebt. Maar dan wel eerst aankondigen dat het om de foute informatie gaat.

5) Feiten, feiten, feiten
Als de mythe is aangegeven, is het tijd om de feiten op een rij te zetten. Elke herhaling maakt het weerwoord ook sterker. Vergeet nooit de kracht van herhaling (zie ook: The Illusion of Truth).

6) Val de bron zelf aan
Wat is de bron van de desinformatie? En wat weten zij dan wel? Niets! Spoor de mensen maar aan om extra sceptisch te zijn.
Eén van de uitdagingen is hier wel dat men graag diegene gelooft die dingen zegt die passen in het wereldbeeld van de toehoorder. Dus is het heel belangrijk om….

7) Bevestig hun wereldbeeld…
Je moet de toehoorders aan jouw kant houden, zelfs als je dingen zegt die ze liever niet horen. Dat kan door de zaak zo voor te stellen dat hij past in hun wereldbeeld.
Dus tegen een persoon die de geboorteplaats van Obama betwijfelt, moet je zeggen: we houden geen van tweeën van die man, maar hij is wel op Hawaï geboren.
Om mensen iets te vertellen wat ze niet aanstaat, is altijd een vorm van koorddansen. Ver genoeg gaan om je punt te scoren, maar niet zo ver dat je ze tegen je in het harnas jaagt.

8) Bevestig hun ego
Een andere manier om de natuurlijke weerstand tegen feiten te omzeilen, is om de eigenwaarde van die toehoorder te strelen. Dus ze met een omweg het idee geven dat het zaken betreft die hun gezin, hun vrienden en hun idealen aangaat.
Onderzoek wees uit dat het mensen helpt om met cognitieve dissonantie om te gaan als hun eigen wereld rechtstreeks wordt aangesproken.

 

MODDER KLEEFT

Natuurlijk zijn al deze methoden gesneden koek voor opinieleiders en mensen die invloed willen uitoefenen. Maar juist daarom is het belangrijk er kennis van te nemen. Zoals Lewandowsky en medeauteurs concluderen: Het bijsturen van desinformatie is cognitief gezien hetzelfde als het overbrengen van onjuiste informatie aan mensen die tot dan wel goed geïnformeerd waren. Dus is het belangrijk voor de gewone man om een basis begrip te hebben over de effecten van foute informatie. Het in brede kring aanwezige inzicht dat sommigen misschien wel met modder gooien omdat ze geloven dat modder gezien zijn kleverige aard altijd wel wat beklijft…zal bijdragen aan een goed geïnformeerd publiek.

 

 

Met dank aan Piet Rademaker voor de vertaling en Jan Broekhof voor enkele correcties.

Filed Under: Skepticisme, Wetenschap Tagged With: foute informatie, overtuigen, psyblog, veranderen, vreemde dingen

Experiment met tuinkers en Wi-Fi – Wel prijs, maar niet zo’n best onderzoek

28 May 2013 by Pepijn van Erp 148 Comments

Engels - UK vlag 30x24Vijf Deense scholieren deden een experimentje met tuinkers. Ze plaatsten zes schoteltjes met watten waarop ze het zaad hadden uitgestrooid tussen Wi-Fi-routers en zes vergelijkbare schoteltjes als controle in een ander lokaal, maar dan zonder de stralingsbronnen. De hele tijd gaven ze de schoteltjes netjes water en na dertien dagen besloten ze de tuinkers af te knippen en te drogen. En ze telden hoeveel zaadjes ontkiemd waren op elk bordje. Een schokkend resultaat: van de bestraalde zaadjes waren er veel minder ontkiemd! Alles werd in een rapportje opgeschreven en daarmee wonnen ze een prijs. De Deense nationale omroep plaatste op haar site op 16 mei een bericht hierover waarin ook de belangstelling van buitenlandse wetenschappers werd vermeld voor dit opmerkelijke resultaat van zo’n simpel proefje. Het Engelstalige blog Geek.com nam het een dag later over en daarna volgden een hoop andere, tot  ABC News op 24 mei aan toe. 

Al deze berichtgeving was nauwelijks kritisch en het nieuws verspreidde zich als een lopend vuurtje via blogs en Facebook. Kijk maar eens wat een Google zoekopdracht oplevert met de woorden “wifi cress”. De eerste journalist die er eens goed naar keek, was vermoedelijk de Noorse wetenschapsjournalist Gunnar Tjomlid. Zijn uitgebreide blog hierover (van 19 mei, met latere aanvullingen) laat zien dat er heel wat op het experiment is aan te merken en dat de wetenschappers die er zo enthousiast over zijn, bekende verspreiders van stralingsangst zijn. Het is natuurlijk leuk voor de meiden dat ze een prijs wonnen met hun onderzoek, maar het is minder fraai dat het zo wordt misbruikt door deze pseudowetenschappers.

Waarom moeten we het resultaat niet al te serieus nemen? Tjomlid geeft een hele waslijst van zaken die er mee aan de hand zijn; ik geef de belangrijkste hier kort weer:

  • De aanwezigheid van de stralingsbronnen was niet het enige verschil in de omstandigheden van de Wi-Fi en controlegroep. Als je het verslag van het experiment leest, komt je ook foto’s tegen van de proefopstelling. Daarop valt te zien dat in de Wi-Fi-groep ook een aantal laptops dicht op de bordjes stond. Het is niet onwaarschijnlijk dat dit een (lokaal) effect had op de luchtstroom en temperatuur rondom die bordjes en dat kan zeer goed van invloed zijn geweest op de ontkieming. Andere mogelijke oorzaken zijn dus niet goed uitgesloten.
  • Het was natuurlijk ook volslagen duidelijk wat de Wi-Fi-groep was, en wat de controle. Niet geblindeerd.-
  • Tjomlid mailde met de docent van de meiden en kreeg te horen dat er eigenlijk twee keer een dergelijk experiment was uitgevoerd. De eerste keer hadden de routers alleen hun SSID staan uitzenden (het herkenningsignaal van het netwerk). In het vervolgonderzoek hadden ze de laptops elkaar constant laten ‘pingen’, zodat er een veel drukker netwerkverkeer werd veroorzaakt. Dit tweede experiment liet echter een veel minder negatief effect zien. Het rapportje is alleen gebaseerd op die eerste proef. In feite is dit publicatiebias: weglaten van resultaten die niet bevielen.
  • Deze grafiek geeft veel beter weer wat het resultaat was, maar is natuurlijk niet zo 'sexy' als de foto's van de tuinkers.
    Deze grafiek geeft veel beter weer wat het resultaat was, maar is natuurlijk niet zo ‘sexy’ als de foto’s van de tuinkers.

    In het rapportje wordt het gevonden verschil geïllustreerd met de grafiek hiernaast. Op de websites die hierover berichten, vind je echter telkens foto’s van een heel groen, onbestraald, ‘gezond’ schoteltje en een schoteltje dat er heel wat minder florissant uitziet, het zieke, bestraalde geval. Die foto’s zijn natuurlijk een stuk leuker om op te nemen in een stukje, maar ze geven een erg slecht beeld van de lang niet zo beroerde getallen: gemiddeld waren er in de controlegroep 332 zaadjes ontkiemd, tegen 252 in de bestraalde groep (telkens van de 400 zaden die op één schoteltje waren gestrooid). Misleidende weergave van het resultaat in de media.

  • Iets wat Tjomlid niet vermeldt, maar waaraan ik zelf nog dacht: de schoteltjes zijn helemaal niet goed van elkaar gescheiden, dus is het maar de vraag of je ze als individuele waarnemingen mag beschouwen. Je kunt eigenlijk zeggen dat we met een N=2 experiment van doen hebben, wat nauwelijks zeggingskracht heeft. Foutieve statistische analyse.
  • Het experiment werd op dag 13 gestopt. Niet omdat dit vooraf zo was vastgelegd, maar toen was de controlegroep zo’n beetje uitgegroeid. Probleem hiermee is dat een verschil in temperatuur van slechts een paar graden al een vertraging van de groei (en ontkieming) van tuinkers kan betekenen. Als er zo’n temperatuursverschil was door de plaatsing van de laptops, dan is het niet onwaarschijnlijk dat de Wi-Fi groep net zo ver had kunnen uitgroeien als ze maar een paar dagen langer hadden gewacht. Maar ze waren waarschijnlijk alleen op zoek naar bevestiging van het idee dat ze vooraf hadden van het effect van straling. Als je het rapportje leest, is er duidelijk sprake van bias, een vooringenomenheid in de richting van één specifieke uitkomst, nl. dat elektromagnetische straling (van Wi-Fi, DECT of GSM) een niet-thermisch effect heeft.
  • Maar hoe kwamen deze jonge meiden aan die vooringenomen houding? Dat komt waarschijnlijk doordat hun docent ze alleen maar voorzag van studies die ook schadelijke effecten lieten zien. Deze studies zijn echter bijna allemaal aan de dubieuze kant en meestal van wetenschappers, die door hun collega’s niet meer serieus worden genomen. Voor een verklaring hoe elektromagnetische straling invloed zou kunnen hebben (op een licht opwarmingseffect na), geven ze maar één bronvermelding: een rapport van Thomas Grønborg, die op zijn beurt weer erg leunt op de ideeën van Olle Johansson (zie verderop). Dit eenzijdig selecteren van literatuur noemen we cherry picking.
Van de Deense site: "Wetenschappers uit het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Zweden zijn zeer geïnteresseerd in de biologie-experimenten van de vijf meiden.
Van de Deense site: “Wetenschappers uit het Verenigd Koninkrijk, Nederland en Zweden zijn zeer geïnteresseerd in de biologie-experimenten van de vijf meiden.

Wie zijn eigenlijk die buitenlandse wetenschappers die zo enthousiast waren over dit experiment? Het Deense stuk noemt Olle Johansson. Dat is echter iemand die bij zowat alle ziektes van de moderne tijd een beschuldigende vinger richting stralingsbronnen heeft gewezen. De Zweedse skeptici beloonden zijn praatjes met hun ‘Misleider van het jaar‘-prijs in 2004. In het bronstuk wordt verteld dat hij van plan is het onderzoek te herhalen met Marie-Claire Cammaerts van de Université libre de Bruxelles. Ik verwacht daar weinig goeds van. Zij deed ook het uiterst dubieuze onderzoek naar het effect van GSM-straling op mieren, dat ik eerder op klopdatwel besprak: Mieren gestoord door GSM?
Tjomlid achterhaalde in zijn mailwisseling met de Deense docent ook nog de namen van Andrew Goldsworthy, ook een bekende verspreider van angst voor straling, en de Nederlander Niek van ‘t Wout. Die laatste is beleidsmedewerker groen in de gemeente Alphen aan den Rijn en aanstichter van een onderzoek van Universiteit Wageningen naar het vermeende schadelijke effect van mobiele telefonie op bomen. Dat stelde ook niet veel voor, maar ging eveneens het internet over in 2010. Ook TNO en TU Delft werden er ten onrechte mee in verband gebracht. Van het ingezette vervolgonderzoek in Wageningen heb ik niets meer vernomen.

Het is vrij helder dat je op grond van dit experiment geen conclusies kunt trekken over (niet-thermische) effecten van Wi-Fi-routers op ontkieming. Jammer dat de meiden zo’n overduidelijk vooringenomen docent hadden en dat hun ‘resultaat’ nu door allerlei pseudowetenschappers als bewijs wordt gebracht voor het gevaar van elektromagnetische golven. Als dat gevaar er al is, dan moeten de risico’s als erg laag worden ingeschat. In ieder geval zijn de te verwachten effecten zo klein dat je erg je best zult moeten doen om er iets van terug te vinden in de ‘ruis’ van andere invloeden. De fouten in dit experiment zijn de scholieren niet te verwijten. Laten we hopen dat het hun overduidelijke interesse in het doen van onderzoekjes niet zal wegnemen. Vanwege alle problemen die aan dit onderzoek kleven, kan het juist als een mooi voorbeeld dienen. Van je fouten leer je immers het meest.

Lees vooral ook het blog van Gunnar Tjomlid zelf, dat veel meer interessants bevat dan ik in mijn samenvatting heb opgenomen: http://tjomlid.com/2013/05/19/om-karse-wifi-straling-og-en-snurt-naturfagslaerer/. Met Google translate is het goed te volgen. Het rapportje van de scholieren staat op die Deense site (directe link naar pdf).

Dit stuk had ik eerder (25 mei) in een Engelse versie op mijn eigen website geplaatst, nadat ik het stuk van Tjomlid vond en tot mijn verrassing nergens anders een Engelstalig vergelijkbaar stuk aantrof. Met verwijzing naar mijn blog kon ik (bijvoorbeeld via Rbutr.com) makkelijker twiteraars die het stuk  op Geek.com aanhaalden op de kritiek wijzen. In Nederland leek het experiment nog niet zo wijd verspreid te worden. Alleen op Niburu trof ik een berichtje aan, maar wie neemt dat nu serieus? Het bericht op de site LexNaturalis werd echter in rap tempo verspreid via Facebook. Gisteren vond men ook mijn site en vervolgens werd dat bericht erg vaak gedeeld. Normaal gesproken mag ik me verheugen op iets van 20 bezoekers per dag, nu waren er dat op één dag meer dan 19.000! Daarbij meer dan 1.900 Facebook-likes. Klinkt leuk, maar dat bericht op LexNaturalis heeft er maar liefst 43.000! De skeptische gedachte heeft vooralsnog niet de overhand.

Update 26-12-2013: Thomas Guiot maakte een Franse vertaling van dit stuk op zijn website

Filed Under: Algemeen, Pseudowetenschap, Uit het nieuws, Wetenschap Tagged With: bias, elektromagnetische straling, experiment, Marie-Claire Cammaerts, Olle Johansson, stralingsangst, tuinkers, Wi-Fi

Valkuilen in het denken

15 May 2013 by Maarten Koller 7 Comments

De onderstaande lezingenserie klinkt als eentje die voor skeptici zeer interessante kan zijn.

Waarheid en dwaling in recht, religie, en het dagelijks leven
ds

Prof. dr. mr. Herman Philipse

Hoe ordent de mens zijn denken? Filosofen hebben in de geschiedenis al heel wat nagedacht over deze vraag. Kunnen we iets opsteken van systematische analyse om onze eigen denkfouten en dwalingen te ondervangen? In het dagelijks leven blijkt het vaak moeilijk genoeg om je mentaal staande te houden en zie je achteraf pas hoe je beïnvloed werd door de mening van anderen.

Hoe komt het dat sommige foute redeneringen zo moeilijk te ontmaskeren zijn? Sommige argumentaties verleiden ons ze te geloven. Waarom vragen we dan niet door? Voorbeelden van gerechtelijke dwalingen, zoals de veroordeling van Lucia de B. tot levenslange gevangenisstraf, laten zien hoe zelfs ervaren rechters en raadsheren slachtoffer kunnen zijn van cognitieve verblinding. Hoe is dit psychologisch te verklaren? Kunnen we dit soort dwalingen proberen te voorkomen door scholing in logica, waarschijnlijkheidstheorie, en logisch-psychologisch onderzoek naar drogredenen?

Prof. dr. mr. Herman Philipse (Universiteitshoogleraar, UU) zal in vier colleges spreken over voorbeelden van dwalingen en drogredenen die zijn ontleend aan de rechtspraktijk, aan religie, en aan het dagelijks leven. Hoe komt het dat sommige foute redeneringen zo moeilijk te ontmaskeren zijn? Sommige argumentaties verleiden ons ze te geloven. Waarom vragen we dan niet door? Ook belangrijke filosofen zoals David Hume komen aan bod. Ga mee op onderzoek in dit overzichtscollege.

De begeleidende video:

http://youtu.be/S1aGDMN9GG8

De eerste twee lezingen zijn inmiddels geweest en kunnen respectievelijk hier en hier worden teruggekeken.

De volgende lezingen vinden plaats op 21 en 28 mei te Utrecht. Zie deze link, onderaan de pagina.

Foto: Bart Coenders

Filed Under: Kort, Wetenschap Tagged With: denken, FILOSOFIE, herman philipse, recht, religie

  • « Go to Previous Page
  • Page 1
  • Interim pages omitted …
  • Page 15
  • Page 16
  • Page 17
  • Page 18
  • Page 19
  • Interim pages omitted …
  • Page 40
  • Go to Next Page »

Primary Sidebar

Steun ons via:
Een aankoopbol.com Partner (meer info)
Of een donatie

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Skeptic RSS feed

  • Skepsis
  • Error
  • SBM
Gevaarlijke woorden
26 July 2026 - Ward van Beek

. Liegen zou sporen nalaten in taalgebruik. Maar met die pseudowetenschappelijke theorie wijst de Belgische misdaadauteur Piet Baete waarschijnlijk onschuldigen als daders aan, schrijven drie leugenonderzoekers in Skepter 39.2. Bruno Verschuere, Glynis Bogaard en Ewout Meijer beschrijven hoe pseudowetenschappelijke leugendetectie…Lees meer Gevaarlijke woorden › [...]

Op de paranormale beurs rolt de spirituele waarheid uit een printer
26 July 2026 - Ward van Beek

. De Paraview spirituele beurs is al meer dan 30 jaar een rondreizend gezelschap van waarzeggers, helderzienden en genezers. Vanachter stalletjes vertellen ze hoe de vork, spiritueel gezien, in de steel zit. Skepter was 5 april ter plaatse in Maarssen,…Lees meer Op de paranormale beurs rolt de spirituele waarheid uit een printer › [...]

Helpt een tweede taal tegen ‘breinveroudering’?
26 July 2026 - Ward van Beek

.Meerdere talen spreken beschermt tegen hersenveroudering’, kopten onder meer de Volkskrant, BNR en RTL Nieuws afgelopen november. Dat zou blijken uit nieuw onderzoek, gepubliceerd in het gezaghebbende vakblad Nature Aging. In een groep van maar liefst 86.149 deelnemers uit 27…Lees meer Helpt een tweede taal tegen ‘breinveroudering’? › [...]

RSS Error: Retrieved unsupported status code "404"

The FDA vs. Compounding Pharmacies: GLP-1 Edition
30 July 2026 - Scott Gavura
The FDA vs. Compounding Pharmacies: GLP-1 Edition

The FDA is determined to stop the sale of compounded GLP-1 drugs The post The FDA vs. Compounding Pharmacies: GLP-1 Edition first appeared on Science-Based Medicine. [...]

Does public health “need” MAHA? No more than medicine “needs” CAM!
27 July 2026 - David Gorski
Does public health “need” MAHA? No more than medicine “needs” CAM!

Last week, The Atlantic published an embarrassingly contrarian piece about how public health "needs" the "make America healthy again" movement. Public health needs MAHA only if it "needs" to integrate antivax and quackery into medicine and public health. Sound familiar? The post Does public health “need” MAHA? No more than medicine “needs” CAM! first appeared on Science-Based Medicine. [...]

Stephen Macedo And Frances Lee: Defend Your Essay That Dr. Jay Bhattacharya Would Restore Trust in Public Health
26 July 2026 - Jonathan Howard
Stephen Macedo And Frances Lee:  Defend Your Essay That Dr. Jay Bhattacharya Would Restore Trust in Public Health

Recente reacties

  • Hans1263
    on Maurice de Hond volhardt in leugens over Jaap van Dissel
    @Renate Zoals steeds betreft het bij De Hond amateuristische bemoeienis (of beter misschien: bemoeizucht) met aandachtsgebieden waarin hij a
  • Renate1
    on Maurice de Hond volhardt in leugens over Jaap van Dissel
    @ Hans, Inderdaad. Zie ook z'n gedoe met die iPad-scholen.
  • Hans1263
    on Maurice de Hond volhardt in leugens over Jaap van Dissel
    Dubieus en onbetrouwbaar, daar is alles mee gezegd.
  • Renate1
    on Maurice de Hond volhardt in leugens over Jaap van Dissel
    Met die Deventer moordzaak heeft de heer De Hond toch wel veel geloofwaardigheid verloren. Het is een ding om in
  • Hans1263
    on Maurice de Hond volhardt in leugens over Jaap van Dissel
    @Daniel Tuijnman Een vast patroon bij deze man. Wat denkt u van de gang van zaken omtrent de Deventer moordzaak?

Archief Kloptdatwel.nl

Copyright © 2026 · Metro Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in