• Skip to primary navigation
  • Skip to main content
  • Skip to primary sidebar

Kloptdatwel?

  • Home
  • Onderwerpen
    • (Bij)Geloof
    • Columns
    • Complottheorieën
    • Factchecking
    • Gezondheid
    • Hoax
    • Humor
    • K-d-Weetjes
    • New Age
    • Paranormaal
    • Pseudowetenschap
    • Reclame Code Commissie
    • Skepticisme
    • Skeptics in the Pub
    • Skeptische TV
    • UFO
    • Wetenschap
    • Overig
  • Skeptisch Chatten
  • Werkstuk?
  • Contact
  • Over Kloptdatwel.nl
    • Activiteiten agenda
    • Colofon – (copyright info)
    • Gedragsregels van Kloptdatwel
    • Kloptdatwel in de media
    • Interessante Links
    • Over het Bol.com Partnerprogramma en andere affiliate programma’s.
    • Social media & Twitter
    • Nieuwsbrief
    • Privacybeleid
    • Skeptisch Chatten
      • Skeptisch Chatten (archief 1)
      • Skeptisch Chatten (archief 2)
      • Skeptisch Chatten (archief 3)
      • Skeptisch Chatten (archief 4)

Wetenschap

Gelezen: Philosophy of Pseudoscience

23 October 2013 by Pepijn van Erp 21 Comments

Karl Popper (1902-1994)
Karl Popper (1902-1994)

Het demarcatieprobleem is iets waar skeptici al dan niet bewust voortdurend mee bezig zijn: het scheiden van wetenschappelijke kennis en alles wat niet wetenschappelijk onderbouwd is of als pseudowetenschap gezien moet worden. De naam van Karl Popper is er nauw mee verbonden sinds hij falsifieerbaarheid als demarcatiecriterium voorstelde: een wetenschappelijk theorie moet toetsbaar zijn en op grond van het falen van een toets worden verworpen. Dit idee leeft nog steeds, maar kreeg al snel kritiek.Thomas Kuhn liet zien dat er ook allerlei sociale en psychologische aspecten een grote rol spelen in het wetenschapsbedrijf.  Veel van wat we als wetenschap beschouwen is niet toetsbaar en wetenschappers blijken in praktijk niet te werken volgens het ideaal van Popper, met het eerst opstellen van hypothesen en die onderuit proberen te halen met zo scherp mogelijke tests.
Larry Laudan verklaarde in 1983 het demarcatieprobleem min of meer dood. Het falsificatieprincipe van Popper was niet afdoende gebleken en andere criteria waren ook niet te bedenken om het onderscheid verantwoord te maken. Veel filosofen delen dit inzicht en het demarcatieprobleem verdween onder in de la. Ten onrechte volgens Massimo Pigliucci en Maarten Boudry. Zij stelden daarom een stevige essaybundel samen onder de titel Philosophy of Pseudoscience – Reconsidering the Demarcation Problem met stukken van 26 verschillende auteurs, die wel wat te zeggen hebben over pseudowetenschap.

Eigenlijk valt het met die doodverklaring van het demarcatieprobleem door Laudan wel mee. Hij stelt dat de term pseudowetenschap niet zinnig te gebruiken is om hele takken van sport weg te zetten, maar dat critici (of skeptici) zich zouden moeten beperken tot het weerleggen van concrete uitspraken of artikelen. Dus niet ‘frenologie is een pseudowetenschap en het is daarom idioot er nog tijd en energie aan te verspillen’ maar eerder ‘in artikel X beweert auteur Y dat deze typische vorm van de schedel wijst op gedrag  Z, maar dat klopt niet vanwege A-B-C’. Dit laat ook meteen zien wat het nadeel is van die aanpak: ook al hak je één kop van de pseudowetenschappelijke Hydra af, het belet niet dat er meteen een soortgelijke uitspraak zijn kop opsteekt. Er is duidelijk behoeft aan een grondigere aanpak van pseudowetenschappen, want sommige vormen een gevaar voor individuen of kunnen andere vervelende effecten in onze samenlevingen hebben.
Een probleem met een strikte opvatting van falsifieerbaarheid is dat sommige pseudowetenschappen er gewoon door heen fietsen. Astrologie doet bijvoorbeeld niet veel anders dan toetsbare uitspraken, alleen scoren die niet beter dan wanneer je naar willekeurig gekozen uitspraken zou kijken. Toetsbaar ja, maar doorstaan van serieuze tests ho maar. Anderzijds kun je afvragen of je iets als snaartheorie ooit wel tot toetsbare uitspraken zal leiden. Zou je het daarom vooralsnog niet als pseudowetenschap moeten kwalificeren? Of wat minder denigrerend, als ‘protowetenschap’? Er komt dus wat meer bij kijken dan alleen die falsifieerbaarheid en wetenschappers zullen als je ze er naar vraagt vaak elementen noemen van een lijstje als: interne consistentie, overeenstemming met aangrenzende vakgebieden, reproduceerbaarheid van data,  betrouwbaarheid van methoden, hoe gaat men om met kritiek, enzovoort.

Een afbeelding die Pigliucci gebruikt om
Een afbeelding die Pigliucci gebruikt om

Zo’n multidimensionale aanpak zien de schrijvers van het eerste deel (waaronder Pigliucci en Boudry zelf) als uitweg. Als voorbeeld geeft Pigliucci een indeling van een aantal (pseudo)wetenschappen op twee assen, waarmee je min of meer een onderscheid kunt maken, die niet mogelijk was met het criterium van Popper (zie hiernaast). Anderzijds stelt hij wel vast dat het trekken van een scherpe grens nog steeds niet zo makkelijk is. Het indelen van de onderwerpen op meer assen geeft echter weer andere inzichten. En door een aantal van die verschillende manieren om er naar te kijken te combineren zul je onder wetenschappers toch redelijk snel consensus bereiken of iets serieus te nemen wetenschap is of niet.

Wat ook naar voren komt is dat pseudowetenschap vaak een temporeel aspect heeft. Iets wat als wetenschap start, kan in de loop van de tijd in pseudowetenschap ontaarden (bijvoorbeeld koude kernfusie). Pseudowetenschappers houden hardnekkig vast aan hun idee ondanks al het tegenbewijs. Het is logisch dat de lat voor het ogenschijnlijk wel serieuze ‘bewijs’ dat deze onderzoekers nog wel eens aanleveren, steeds hoger wordt gelegd. Na voortdurend falen bij tests, wordt zo’n idee moeilijker te aanvaarden en hoe buitengewoner de beweringen hoe buitengewoner het bewijs ervoor moet zijn.
Andersom kan het echter ook. Iets dat door wetenschappers eerst als pseudowetenschap weggezet wordt, kan na steeds beter ondersteunend bewijs geaccepteerd worden als serieuze wetenschap, zoals de geschiedenis van de evolutietheorie laat zien. In het boek beschrijft Michael Ruse die ontwikkeling in From Pseudoscience to Popular Science, from Popular Science to Professional Science.
De strijd tussen de evolutietheorie en creationisme wordt overigens vaak aangehaald door verschillende auteurs. Dat is niet zo verwonderlijk, gezien de verhitte strijd die daarover in de Verenigde Staten tot aan het Hooggerechtshof is gevoerd. Een meer Europese tegenhanger ontbreekt, maar misschien is er ook niet zo eenvoudig een kwestie te noemen waarover aan onze kant van de Atlantische oceaan recent nog vergelijkbaar fel gedebatteerd is. Een paar stukken vond ik minder sterk of sprongen er qua onderwerp wat vreemd uit. Toevallig of niet, allemaal in het deel dat True believers and their tactics heet. Een stuk van Jean Paul van Bendegem over hoe discussies met pseudowetenschappers kunnen verlopen en wat voor soort argumentatie je in de strijd zou kunnen werpen, is aardig, maar niet erg specifiek voor pseudowetenschap.
Een ander artikel dat wat te formeel aandoet, gaat over klinische trials en waarom die al dan niet ingezet kunnen worden voor de evaluatie van alternatieve behandelwijzen. Het is een formele inkadering van een (dubbelblind) onderzoek, die op zich klopt, maar aan de belangrijkste praktische problemen mijns inziens te makkelijk voorbij gaat.  De schrijver van het stuk, Jesper Jerkert, probeert aan te tonen dat de bezwaren vanuit sommige alternatieve behandelwijzen tegen die trials niet opgaan, maar vergeet dat een RCT bij normaal medicijnonderzoek maar het laatste stukje van bewijs van een groter geheel is, dat begint met het aannemelijk maken dat een behandeling überhaupt zou kunnen werken. De belangrijkste alternatieve behandelwijzen komen juist graag met bewijs in de vorm van RCTs aanzetten, omdat je daar met een beetje geluk  (en eventueel wat gemanipuleer) aan significant positieve resultaten kunt komen. Een beetje moeilijk door te komen (vooral het begin) vond ik The case of Freud’s Sexual Etiology of the Neurose een stuk waarin Frank Cioffi (overleden in 2012) stevig afrekent met de wetenschappelijk  pretenties van de ideeën van Freud. Misschien moet je er ook gewoon wat meer in thuis zijn dan ik.

Philosophy of PseudoScienceNaast de filosofische stukken die het demarcatieprobleem theoretisch aanpakken, heb ik vooral de historische en sociologische stukken met veel plezier gelezen. Thomas Nickels geeft in The Problem of Demarcation een mooi overzicht van de geschiedenis van de problematiek en zet de ideeën van Popper, Imre Lakatos, Kuhn en Laudan op een rijtje (uiteraard komen Aristoteles en Wittgenstein ook even langs). Ook de bijdrage van Michael Shermer is lezenswaardig en biedt meer dan de andere stukken praktische handvatten om pseudowetenschap te herkennen.
Intussen zou je misschien denken dat Boudry en Pigliucci alleen mannelijke auteurs wisten te strikken, maar er staan ook paar zeer interessante stukken van vrouwen in. Noretta Koertge schrijft over het (meestal) ontbreken van een kritische gemeenschap bij de pseudowetenschappers in tegenstelling tot de echte wetenschappen waar kritiek georganiseerd is. Weer zo’n as waarop je de (pseudo)wetenschappen zou kunnen indelen in een multidimensionale aanpak. En Barbara Forrest tast aan de hand van Hume de grenzen tussen wetenschap en religieuze pseudowetenschap af.

Ik vergeet dan nog wat auteurs ( m/v) te noemen, maar het is lastig om in een korte bespreking dit boek volledig recht te doen. Daarvoor is het te rijk aan ideeën. Er is ook nog aandacht voor niet experimentele wetenschap en de cognitieve wortels voor pseudowetenschap (hoe komt het eigenlijk dat dat soort ideeën bij mensen opkomen en beklijven?). Het onderscheid tussen pseudowetenschap en echte wetenschap blijft een lastige kwestie. Dit boek probeert, in mijn ogen terecht, een gedegen analyse van het probleem hoger op de agenda te plaatsen. Het idee dat wetenschappers zo ook wel ‘zien’ wat echte wetenschap is en wat niet, is geen bevredigende oplossing. Het is niet zo dat dat oordeel nergens op gebaseerd is en dat er vaak vergissingen gemaakt worden, maar de impliciete uitgangspunten en redenaties die leiden tot dat oordeel mogen wel wat helderder verwoord worden. Er komen dan vast inzichten naar boven die in andere gevallen ook goed van pas komen. De gereedschapskist met instrumenten om pseudowetenschap te bestrijden kan best aangevuld worden met wat nieuwe ‘heavy duty tools’.

Het is geen makkelijk boek, maar voor iedereen die wat serieuzer wil nadenken over waar hij als skepticus mee bezig is, durf ik het toch aan te raden. Waar haal je immers de arrogantie vandaan het beter te weten dan al die zwevers om ons heen? 😉 De inleiding van het Engelstalige boek is overigens hier te lezen, dan kun je zelf nog een beter idee krijgen of het wat voor je is. Ten slotte nog een tip: in een podcast van Rationally Speaking spreekt Boudry over het boek, geïnterviewd door Julia Galef en … Pigliucci. Dat wordt gelukkig toch niet saai, omdat Pigliucci en Boudry het ook niet op alle punten met elkaar eens zijn. 

Gelezen: Philosophy of Pseudoscience 1
Gelezen: Philosophy of Pseudoscience 2

Filed Under: Algemeen, Pseudowetenschap, Wetenschap Tagged With: FILOSOFIE, Laudan, maarten boudry, Massimo Pigliucci, popper, pseudoscience, pseudowetenschap

Misser van WRR: ‘slechts’ 25 procent van Nederlanders vond homeopathie wetenschappelijk

23 September 2013 by Pepijn van Erp 4 Comments

Dat was even schrikken. Op de website DUB, het medium van de Universiteit Utrecht, staat een stukje over hoe de samenleving aankijkt tegen het wetenschappelijk gehalte van een aantal vakgebieden. De resultaten van een steekproef zijn in een kek grafiekje samengevat, met daarin per vakgebied het percentage dat als ‘wetenschappelijk’ en ‘niet wetenschappelijk’ was aangeduid door de ondervraagden. Niet verrassend aan die cijfers is dat ‘harde’ wetenschappen Natuurkunde en Wiskunde hoog scoren met respectievelijk 94 en 90 procent voor ‘wetenschappelijk’. Dat geneeskunde de lijst aanvoert met 97 procent is al iets vreemder, maar ronduit verbazingwekkend zijn de cijfers van de hekkensluiters in de tabel. Niet omdat die onterecht onderaan staan, maar omdat ze nog zo hoog scoren. Het gaat namelijk om homeopathie en astrologie, die volgens de gegevens nog door 55 en 34 procent van de ondervraagden als wetenschappelijk gezien worden! Hoe kan dat nu weer?

Een verontrustende tabel (bron: DUB)
Een verontrustende grafiek (bron: DUB)

De gegevens komen uit onverdachte bron, het recente rapport van de Wetenschappelijk raad voor het Regeringsbeleid (WRR) onder de titel ‘Hoeveel vertrouwen hebben Nederlanders in wetenschap?‘ (pdf). Inderdaad staat daarin op pagina 14 het volgende tabelletje:

Tabel 2 uit rapport van de WRR
Tabel 2 uit rapport van de WRR

Hiermee kunnen we verder op zoek naar de bron. Die is niet al te moeilijk te vinden, het gaat om ‘Europeans, Science and Technology‘ (pdf) van Eurobarometer in opdracht van de Europese Commissie, gepubliceerd in juni 2005. Daar komt toch een wat ander beeld uit naar voren. In de enquête werd namelijk niet gevraagd om ‘wetenschappelijk’ of ‘niet wetenschappelijk’ aan te kruisen, maar om je mening te geven op een vijfpuntsschaal, lopend van ‘volstrekt niet wetenschappelijk’ tot ‘zeer wetenschappelijk’. De laagste twee categorieën werden samengevoegd tot ‘niet wetenschappelijk’ en de hoogste twee tot ‘wetenschappelijk’.
Als je dan kijkt naar de cijfers voor de EU als geheel, vind je dat 33 procent van de EU-burgers homeopathie ‘wetenschappelijk’ vindt (blz. 35). Zou Nederland dan zou veel meer vertrouwen hebben in de werking van geschud water of in de wetenschappelijke capaciteiten van de homeopathische proefjesnemers? Nou, nee. In de bijlagen staat per lidstaat de uitsplitsing, voor Nederland zien de cijfers er als volgt uit (blz 198 en 208,  bladzijdenummering van pdf):

 N 1 2 3 4 5 DK
groep A 486 20% 26% 27% 16% 10% 1%
groep B 519 17% 26% 33% 16% 7% 1%

De enquete was in tweeën gesplitst, groep A kreeg soms andere vragen dan groep B, maar niet bij homeopathie. ‘DK’ staat voor ‘Don’t know’ neem ik aan. Als je nu de cijfers netjes bij elkaar voegt kom je uit op 45 procent die homeopathie als ‘niet wetenschappelijk’ en 25 procent die het als ‘wetenschappelijk’ karakteriseert. Dat laatste cijfer is wel wat minder schokkend dan de 55 procent van de WRR. De opstellers van het WRR-rapport hebben blijkbaar de categorie ‘wetenschappelijk’ zelf opnieuw gedefinieerd als 100 procent minus ‘niet wetenschappelijk’ en daarbij de neutrale categorie (3) ook maar bij ‘wetenschappelijk’ genomen. Slordig op zijn minst.

Dat er met twee groepen gewerkt werd, maakte het mogelijk om bijvoorbeeld bij astrologie te onderzoeken of de hoge score in 1993 en 2001 misschien voor een groot deel verklaard kon worden door een verwarring met het woord astronomie (dat zou er achter kunnen zitten, denk ik tenminste , hoewel astronomie zelf ook in het lijstje staat). Groep A werd ondervraagd met ‘astrologie’ en groep B met ‘horoscopen’ en dat gaf het volgende resultaat (voor NL, blz 193 en 203 van de pdf):

1 2 3 4 5 DK
Astrologie 486 27% 15% 21% 19% 16% 2%
Horoscopen 519 65% 21% 6% 4% 3% 1%

Als je het bij elkaar neemt en weegt, kom je op 66 procent voor ‘niet wetenschappelijk’ en 21 procent voor ‘wetenschappelijk. De WRR maakte weer dezelfde blunder en geeft 34 procent voor ‘wetenschappelijk’. Natuurlijk is het nog steeds zorgelijk dat er zoveel Nederlanders homeopathie en astrologie als wetenschappelijk karakteriseren (en zelfs nog 7 procent vindt dat ook van horoscopen), maar zo erg als de WRR het voorschotelt, is het dus lang niet. En ‘we’ doen het dus zelfs wat ‘beter’ dan het Europees gemiddelde.

Update: het rapport is overigens in samenwerking met het Rathenau Instituut geschreven, dus misschien gaat het iets te ver om van een ‘WRR-rapport’ te spreken

Filed Under: Algemeen, Factchecking, Uit het nieuws, Wetenschap Tagged With: astrologie, enquete, homeopathie, horoscopen, wetenschappelijk, WRR

Samantha Stein – Engaging Children in Science

7 September 2013 by Maarten Koller Leave a Comment

Deze voordracht gaf Samantha Stein tijdens het World Skeptics Congress 2012 in Berlijn.

Engaging Children in Science

Filed Under: Skepticisme, Skeptische TV, Wetenschap Tagged With: kinderen, onderwijs, samantha stein, skeptisch congres

Het Denkgelag – Debat over “de grenzen van de wetenschap”

5 September 2013 by Pepijn van Erp 56 Comments

denkgelag-logoOnze skeptische zuiderburen organiseren in vervolg op de succesvol verlopen reeks denkgelagen in 2012 wederom een ‘ongedwongen gespreksavond over sceptische en wetenschappelijke onderwerpen, bij pot en pint, met een schare boeiende sprekers en het publiek als centrale gast.’ Ditmaal met zeker niet de minste sprekers! 

17 oktober 2013 te Gent:

Debat over “de grenzen van de wetenschap”

Kan de wetenschap alles verklaren? Kan wetenschap zonder filosofie? Is wetenschap de enige bron om kennis te vergaren? Wat is het nut van filosofie in de wetenschap? Maar we gaan onderwerpen zoals het bestaan van de vrije wil of het bewustzijn ook niet uit de weg.

Sprekers:

daniel_dennett_1

Daniel Dennett:

Daniel Dennett (°1942) kan beschouwd worden als de bekendste hedendaagse filosoof. Hij houdt zich bezig met vraagstukken betreffende het bewustzijn, de filosofie van de geest en kunstmatige intelligentie. Hij doceert aan de Tufts University nabij Boston en heeft sinds de uitzending van de VPRO-serie Een Schitterend Ongeluk ook in Nederland en Vlaanderen bekendheid gekregen. Daniel Dennett stond tot vier maal toe op TED. Zijn laatste boek “Intuition Pumps and Other Tools for Thinking” kreeg tal van lovende recensies in oa. De NY Times, The Guardian en de Nederlandse vertaling van het boek verschijnt op 6 oktober 2013.

krauss2

Lawrence Krauss:

Lawrence Maxwell Krauss (°1954) is een internationaal befaamd natuurkundige en bestsellerauteur. Hij is professor natuurkunde en directeur van het Origins project aan de Arizona State University. In zijn boeken tracht hij prikkelende, onthullende antwoorden te geven op de meest fundamentele vragen. Waar komt ons heelal vandaan? Waarom is er iets in plaats van niets? En hoe zal het allemaal aflopen? Hij wordt alom geprezen voor zijn bevattelijke en aanstekelijke manier van communiceren. Binnenkort verschijnt een grootsopgezette documentaire waarin Lawrence Krauss en Richard Dawkins gevolgd worden terwijl ze de wereld rond trekken om te praten over wetenschap en rede. De première is gepland op het Hot Docs International Film Festival in Toronto in april 2013. Een aantal beroemdheden waaronder Woody Allen, Cameron Diaz, Ricky Gervais, Ian McEwan en Stephen Hawking. Lawrence Krauss is er ten stelligste van overtuigd dat wetenschap (nagenoeg) alles kan verklaren en dat niets buiten haar blikveld valt, ook niet de moraliteit, vrije wil of andere filosofische vragen.

Pigliucci

Massimo Pigliucci:

Massimo Pigliucci (°1954) is professor filosofie aan de City University of New York en auteur van een tiental boeken over evolutie, scepticisme en ecologie. Pigliucci is een doorgewinterde scepticus en uitgesproken criticus van pseudowetenschap en religie, maar hij waarschuwt voor de gevaren van “sciëntisme”, de opvatting dat wetenschap alles kan verklaren en de enige vorm van kennis uitmaakt. Hij stoort zich aan de neerbuigende houding van sommige wetenschappers tegenover filosofische problemen, en houdt vol dat wetenschap en filosofie elkaar nodig hebben.

 

Meer informatie op de website van het Denkgelag of op de Facebook-pagina of meteen naar de ticket-verkoop.

Filed Under: Algemeen, Wetenschap Tagged With: daniel dennet, denkgelag, lawrence krauss, Massimo Pigliucci

Toch verborgen boodschap in Voynich manuscript?

19 July 2013 by Pepijn van Erp 14 Comments

Het Voynich-manuscript is een handgeschreven middeleeuwse tekst, geïllustreerd met  afbeeldingen van ondere andere planten en astronomische objecten. Het manuscript lijkt voor een belangrijk deel te gaan over recepten met kruiden, hun bereidingswijzen en toepassingen. Lijkt, want de enige aanwijzing daarvoor ligt in die afbeeldingen. De tekst is namelijk tot op heden een onkraakbare puzzel gebleken. Talloze wetenschappers en cryptografen hebben er iets van proberen te maken, maar tevergeefs. De mogelijkheid dat het hele werk een hoax is, werd steeds meer als waarschijnlijk aangenomen. Een maand geleden kwamen onderzoekers van de universiteit van Manchester echter met de resultaten van hun analyse van het intrigerende document: er zijn duidelijk aanwijzingen dat het geen willekeurige verzameling onzinwoorden en zinnen is en dat er dus wel degelijk een boodschap in de tekst verstopt kan zitten. Niet iedereen is echter overtuigd dat die conclusie getrokken kan worden.

voynich-fav-img
Een karakteristieke pagina uit het Voynich-manuscript

Kunsttaal …
Zelfs met een lekenoog valt het op dat de teksten in het Voynich-manuscript veel weg hebben van een echte taal. Er zijn woorden en zinnen van verschillende lengte, korte woordjes lijken vaker voor te komen dan lange en meer van dat soort kenmerken. Het is zeker niet uitgesloten dat hem om een kunsttaal zou gaan, zoiets als Esperanto, maar dan zonder enige relatie met bekende talen. Maar waarom zou iemand in de 15de eeuw die moeite doen voor één zo’n manuscript? Er is immers geen enkel ander document bekend dat in dezelfde ‘taal’ is geschreven. De geschiedenis van het manuscript laat echter zien dat er in de loop van de tijd door verschillende mensen toch behoorlijke bedragen voor zijn betaald om er eigenaar van te worden. Het is genoemd naar Wilfred Voynich die het document in 1912 kocht. De moeite die het gekost moet hebben om het te vervaardigen, kan best een lucratieve bezigheid zijn geweest. Het manuscript is nu eigendom van de Beinecke Rare Book and Manuscript Library of Yale University en kan in zijn geheel online worden ingezien.

voynich-03-astronomical
Een afbeelding uit een astronomisch gedeelte?

In hun recente artikel ‘Keywords and Co-Occurrence Patterns in the Voynich Manuscript: An Information-Theoretic Analysis‘ leggen auteurs Marcelo Montemurro en Damián Zanette (natuurkundigen) uit hoe ze hun analyse hebben uitgevoerd. In het kort komt het er op neer dat je heel precies kijkt naar de verdeling van woorden over de tekst en de onderlinge samenhang. Korte, niet zoveel betekenis hebbende woordjes (als lidwoorden, voorvoegsels e.d.) zullen regelmatig verspreid over de tekst voorkomen, maar woorden met ‘hoge informatiedichtheid’ zullen minder vaak optreden en meestal meer geconcentreerd, binnen een hoofdstuk bijvoorbeeld. De techniek was al gebruikt voor andere teksten en lijkt zinvolle resultaten te geven. In Darwins On the Origin of Species, werden bijvoorbeeld als belangrijkste woorden species,varieties, hybrids, forms en genera aangewezen. De woorden die in het Voynich manuscript als belangrijkste worden gevonden, lijken vaak specifiek bij de verschillende secties van het manuscript terug te vinden te zijn. Het lijkt er dus op dat de verschillende secties over verschillende onderwerpen gaan en dat wijst dus toch op een betekenis in de tekst. Want hoe zou een vervalser in de 15de eeuw met deze geavanceerde analysetechnieken rekening hebben kunnen houden?

… of hoax?
De conclusie van Montemurra en Zanette kreeg meteen stevige kritiek van Gordon Rugg, een onderzoeker die juist de theorie verdedigt dat het manuscript een hoax is. Op zijn weblog heeft hij inmiddels een aantal artikelen geplaatst waarin hij uiteenzet wat er niet aan het verhaal van de onderzoekers uit Manchester klopt. De belangrijkste kritiek komt er op neer dat ze te weinig kennis hebben genomen van wat er al eerder aan onderzoek is gedaan naar het manuscript en dat het feit dat de tekst geen willekeurige reeks woorden lijkt te zijn, niet automatisch hoeft te betekenen dat het dan ook een echte boodschap bevat. Rugg had nu juist laten zien dat met de methode die hij suggereert voor de vervaardiging van zo’n tekst, die eigenschappen als het ware vanzelf optreden.

De methode die Rugg geeft is inderdaad bijna een automatisch proces, er is weinig betekenisvols aan. Je start met een rooster gevuld met zelfverzonnen ‘lettergrepen’. Over dat rooster schuif je een mal en de vakjes die niet afgedekt zijn, vormen telkens je volgende woord. Je kunt nu variëren met diverse mallen en roosters. De vakjes moeten wel een bepaalde verdeling hebben. In de middeleeuwen was de cryptografische kennis wel zo ver dat ze kennis hadden van de meest basale statistische kenmerken van teksten. Dat talen een specifieke verdeling van letters hadden en dat woordlengte op een bepaalde manier varieert, is niet zo lastig te verwerken in zo’n rooster. De hoaxer moet er wel op letten om zijn mal niet op een systematische manier over zijn rooster te schuiven, anders ontstaan er alsnog duidelijke patronen die kunstmatig aandoen.

voynich-slide3
Een voorbeeld van het gebruik van rooster en mal, gebruikt door Rugg om Voynich achtige teksten te fabriceren.

Bij geheimschriften werden in die tijd dit soort roosters wel gebruikt, dus dat maakt het gebruik ervan bij het vervaardigen van zo’n tekst niet geheel onwaarschijnlijk. Het is wel lastig om er voor te zorgen dat de roosters volstrekt willekeurig worden ingevuld, zeker als je als middeleeuwer nog helemaal niet op de hoogte was van zoiets als ‘true randomness’.  Bij het wisselen van rooster verwacht je dan eigenlijk ook wel een verschil in de verdeling van de lettergrepen te kunnen zien. En dat blijkt zo te zijn in het Voynich-manuscript. Veel gebruikte lettergrepen komen door het document heen in verschillende blokken van dichtheid voor. Die toch niet zo willekeurige verdeling vertaalt zich ook in het vaker voorkomen van langere combinaties van die lettergrepen in bepaalde stukken tekst. Rugg stelt dat de effecten die Montemurro en Zanette vinden en toewijzen aan verschillende besproken onderwerpen in de tekst, in feite kunnen wijzen op het gebruik van die verschillende roosters zonder betekenisvolle inhoud. Hij schat dat de hoaxer tussen de zes en tien verschillende roosters heeft gebruikt.

De controverse kan beslecht worden door met de methode van Rugg langere stukken tekst te maken en dan te kijken met de methode van Montemurra en Zanette of je inderdaad hetzelfde soort ‘betekenisvolle’ woorden vindt. Een ander argument dat Rugg noemt, dat erop duidt dat het om een hoax gaat, is het feit dat er geen verbeteringen in de tekst zijn te vinden. Dat is merkwaardig als het om een echte taal zou gaan. Bij het schrijven van zoveel tekst, maakt iedereen wel eens een fout en in andere handschriften tref je die volop aan, vaak verbeterd. Een hoaxer zal echter niet zoveel reden hebben om een fout overgeschreven lettergrepencombinatie van zo’n mal te verbeteren, dat verandert immers niets aan de inhoud die er toch al niet inzat.

Links:

  • Artikel van Montemurra en Zanette
  • Website van Rugg
  • New signs of language surface in mystery Voynich text, NewScientist
  • The Voynich Manuscript: The Book Nobody Can Read, Klaus Schmeh, Skeptical Inquirer

 

Filed Under: Algemeen, Uit het nieuws, Wetenschap Tagged With: code, geheimschrift, hoax, vervalsing, Voynich

  • « Go to Previous Page
  • Page 1
  • Interim pages omitted …
  • Page 14
  • Page 15
  • Page 16
  • Page 17
  • Page 18
  • Interim pages omitted …
  • Page 40
  • Go to Next Page »

Primary Sidebar

Steun ons via:
Een aankoopbol.com Partner (meer info)
Of een donatie

Schrijf je in voor de nieuwsbrief!

Skeptic RSS feed

  • Skepsis
  • Error
  • SBM
Hamerhype
3 September 2026 - SkepsisSiteBeheerder

Tienerjongens die zichzelf met hamers slaan om een betere kaaklijn te ontwikkelen: media van Nieuwsuur tot de BBC sloegen onlangs alarm over de gevaren van ‘bonesmashing’. Maar hoe ver gaat deze hype echt?Lees meer Hamerhype › [...]

Kan de aarde eventjes zwaartekracht verliezen?
12 August 2026 - SkepsisSiteBeheerder

NASA zou hebben berekend dat op 12 augustus 2026 de aarde 7,3 seconden zonder zwaartekracht zou komen te zitten. Onzin natuurlijk, maar wat zou er gebeuren als het toch zou kunnen?Lees meer Kan de aarde eventjes zwaartekracht verliezen? › [...]

Ype & Ionica zijn skeptisch
3 August 2026 - Ward van Beek

. Ook in het zomernummer van Skepter zijn Ype en Ionica weer skeptisch … [...]

RSS Error: Retrieved unsupported status code "404"

The Fox News Stars Got in Charge
11 September 2026 - Jonathan Howard
The Fox News Stars Got in Charge

When it comes to issues related to SBM, our fierce, mighty Secretary of War, Pete Hegseth isn't doing so well. The post The Fox News Stars Got in Charge first appeared on Science-Based Medicine. [...]

Generic GLP-1s are here (for some)
10 September 2026 - Scott Gavura
Generic GLP-1s are here (for some)

Will approved generic versions of Ozempic eliminate the grey market for compounding? The post Generic GLP-1s are here (for some) first appeared on Science-Based Medicine. [...]

Body Integrity Dysphoria – A Rare and Informative Condition
9 September 2026 - Steven Novella
Body Integrity Dysphoria – A Rare and Informative Condition

A fifty-year-old man was admitted through the emergency room with extensive dry ice injuries to his left leg. For two days his doctors tried to save the leg, but the damage was too extensive, so eventually they had to perform a below-knee amputation. During this time the patient also suffered from small strokes due to fat emboli from the damaged leg. After […] The post Body Integrity Dysphoria – A Rare and Informative Condition first appeared on Science-Based Medicine. [...]

Recente reacties

  • Hans1263
    on Artsencollectief geeft podium aan kankerkwakzalver William Makis op hun quackfest
    Mee eens hoor, maar vaak is er sprake van politiek op korte termijn. Waar blijft "Anita"?
  • Renate1
    on Artsencollectief geeft podium aan kankerkwakzalver William Makis op hun quackfest
    @ Hans, Tja, dat zou je verwachten, maar mensen kijken vaak met een rooskleurige blik terug naar het verleden. Daar
  • Hans1263
    on Artsencollectief geeft podium aan kankerkwakzalver William Makis op hun quackfest
    @Renate Dat is weliswaar juist, maar na zo'n 35 jaar moet men toch kunnen inzien dat er veel voor in
  • Renate1
    on Artsencollectief geeft podium aan kankerkwakzalver William Makis op hun quackfest
    @ Hans, Maar wat nodig was, zorgde wel voor veel ellende voor de betrokkenen, die ineens hun baan en alles
  • Hans1263
    on Artsencollectief geeft podium aan kankerkwakzalver William Makis op hun quackfest
    @Renate De sanering van de gammele DDR-zooi was wel heel hard nodig! Men zou zich beter kunnen bedenken waar men

Archief Kloptdatwel.nl

Copyright © 2026 · Metro Pro on Genesis Framework · WordPress · Log in